Kenmerken van een stalker: waar je op moet letten

Liefde, relaties, geluk
door Chantal Caeszaterdag, 16 mei 2015 om 15:47
welingelichtekringen header 1
Waar denk je aan bij het woord ‘stalker‘? Aan geweld en wraakzucht? Of aan de angst van de stalker zelf? Aan zijn gebrek aan sociale vaardigheden en zelfs psychische problemen? Bij veel mensen roept het horen van het woord stalker geweld en wraakzucht op. Slechts een klein aantal mensen zou overwegen dat een stalker angstig is en dat het hem ontbreekt aan sociale vaardigheden. Maar veel ‘sweet boys next door‘ kunnen een stalker worden om vele redenen. Twee redenen zijn psychische problemen en een gebrek aan sociale vaardigheden. Geloof het of niet, maar veel stalkers lijden aan geestelijke gezondheidsproblemen of persoonlijkheidsstoornissen en missen het vermogen om zich op een adequate manier te verhouden tot anderen. Voor het grootste deel hebben mensen die als een stalker zouden worden geëtiketteerd vaak last van een gebrek aan sociale vaardigheden en vinden ze communiceren met anderen een uitdaging. Voor het grootste deel zijn stalkers mannen, maar vrouwen kunnen ook stalkers worden. Ongeveer 80% van de slachtoffer van stalkers zijn vrouwen. Volgens het kunnen de kenmerken van de stalker in 5 categorieën onderverdeeld worden: Er zijn ook gemeenschappelijke persoonlijkheidskenmerken van de stalker die belangrijk zijn om te begrijpen. Deze omvatten:    
  1. Relatie: Deze stalkers hebben de neiging om eerdere partners te stalken en verlangen naar een relatie met die persoon. In sommige gevallen kan de stalker naar een relatie met een kennis verlangen. Personen die passen bij deze stalker beschrijving hebben vaak negatieve relaties in het verleden gehad en voldoen vaak aan de criteria voor een persoonlijkheidsstoornis, zoals narcistische persoonlijkheidsstoornis, antisociale persoonlijkheidsstoornis of sociopathie of afhankelijke persoonlijkheidsstoornis.
  2. Geobsedeerd: Dit type individu denkt voortdurend aan de persoon die ze verafgoden. Ze creëren een 'geestelijk leven' rond die persoon en kunnen zich moeilijk een leven zonder die persoon inbeelden. Een voorbeeld hiervan is erotomanie, d.w.z. een waan waarin de persoon van mening is dat iemand, meestal van een hogere sociale status (beroemdheid, sterk persoon, etc.) verliefd is op hem.
  3. Verworpen: Veel stalkers hebben een geschiedenis van uitdagende relaties en moeite om te communiceren met anderen. Sommige stalkers, vooral vrouwelijke, voldoen mogelijk aan de criteria voor de borderline persoonlijkheidsstoornis waarbij afstoting vaak zeer moeilijk te verwerken is. Dit betekent echter niet dat dit geldt voor alle personen met een borderline persoonlijkheidsstoornis. Het is echter waarschijnlijk dat sommige mensen met deze diagnose een stalker kunnen worden als gevolg van een geschiedenis van stormachtige verhoudingen, roller coaster emoties en instabiele liefdesaffaires.
  4. Intelligent: Marshall University beweert dat stalkers intelligent zijn en hun stalking gedrag zorgvuldig plannen. Iemand die in deze categorie valt zou kunnen voldoen aan de criteria voor sociopathie. Sociopaten zijn bedreven in het plannen van hun ‘aanval’ en het controleren van anderen met charme of gladde praatjes.
  5. Gemotiveerd: De meeste stalkers geloven dat hun object van verlangen de enige persoon is waar ze ooit van zullen kunnen houden en hebben de neiging om hun gedrag te laten leiden op basis van dit soort denken.
  • Narcistisch gedrag
  • Egoïsme
  • Geschiedenis van huiselijk geweld
  • Onvermogen om te gaan met afwijzing
  • Obsessief, beheersen en dwangmatig gedrag
  • Impulsiviteit
  • Lijden aan wanen of een ernstige psychische ziekte die interfereert met de perceptie van de werkelijkheid
  • Jaloezie
  • Manipulatieve handelingen
  • Seksueel onaangepast gedrag
  • Bedrieglijkheid
  • Sociaal onhandig, ongemakkelijk, of geïsoleerd
  • Heeft een geschiedenis van herhaaldelijk hals over kop verliefd worden
  • Afhankelijk van anderen voor een gevoel van eigenwaarde
  • Laag gevoel van eigenwaarde
  • Temperamentvolheid
Bron(nen): PsychCentral