Vliegen is slecht voor je lijf, je geest en de aarde. Waarom stoppen we er niet mee

Het begint al bij het boeken. Je bent na drie klikken niet een gewaardeerde klant, maar een object om zoveel mogelijk extra aan te verkopen. Je mag bagage meenemen, als je bijbetaalt. Je mag je stoel uitkiezen, als je bijbetaalt, je krijgt iets te eten, als je bijbetaalt.
En dan komt het vertrek. Als althans de piloten niet staken. Of de bagagemensen. Als er dus wordt gevlogen mag je naar het vliegveld. Doorgaans behoorlijk ver van waar je eigenlijk moet zijn.
Iedereen vindt het normaal dat je op een vliegveld eindeloos in rijen staat, als in de Efteling. Eerst om in te checken of je bagage af te geven, dan voor de beveiliging (waar als het tegenzit een wildvreemde voelt of er geen rare bobbels in je broek zitten) en dan komt het hangen bij de gate. Want als bij afspraak is op iedere luchthaven het aantal stoelen bij de gate kleiner dan het aantal passagiers. Dan volgt de zoveelste rij: ditmaal om de slurf in te komen naar het toestel. Gevolgd door nog een rij om bij je stoel te komen. Als je daar eindelijk bent vouw je je (tegen betaling) op als een bidsprinkhaan om de komende uren door te komen. Intussen ben je al die tijd in een te droge ruimte, met een iets te hoge druk. Ongezond, maar je hebt het er voor over: vliegen is immers fijn.
Aangekomen is het op naar de volgende wachtruimte. Ditmaal om op je koffer te wachten. Als die tenminste mee is gekomen met hetzelfde toestel.
En dan is het nog lang niet voorbij: je moet nog je auto ophalen die je zo tijdig had gereserveerd. Reken op een uur. Behalve als het op jouw bestemming twee uur duurt. En reken er op dat je behandeld wordt als een dweil. Alle autoverhuurmaatschappijen hebben afgesproken akelig te doen tegen klanten, zodat wisselen van aanbieder geen zin heeft.
En al deze akelige uren dragen er aan bij dat je kleinkinderen van hitte zullen omkomen.
Raar eigenlijk dat we het blijven doen. Warm weer is immers tegenwoordig ook dichtbij voorhanden.