Being Obamas Brother

"Als er één held was in de Obama-clan, dan is het Barack, en als er iemand is waar men het liefste niet over praat, dan ben ik het, George Obama. Na een goede welvarende jeugd in Nairobi verspilde ik mijn tienerjaren aan drank en drugs. Toen ik 20 was kwam ik in de gevangenis terecht. Keniaanse gevangenissen zijn verschrikkelijk, maar ik kwam er gelouterd uit.
Samen met andere jongens uit het ghetto heb ik een groep opgericht om arme straatkinderen te laten voetballen, Huruma Centre Football Club. Maar toen Barack beroemd werd kwamen de journalisten naar Kenya om zijn verwanten op te speuren. En zelfs mij hebben ze tenslotte gevonden. Je moet je van mijn verwantschap niet teveel voorstellen. Ik heb hem twee keer in mijn hele leven gesproken. De laatste keer om hem te feliciteren.
Maar ik heb wel gemak van zijn roem: het lukt nu veel gemakkelijker om fondsen los te peuteren voor het voetbalproject.
Ik leef met 4,5 miljoen anderen in de grootste sloppenwijk van Afrika. De meeste mensen hebben niet veel meer dan 5 dollar per dag te besteden, als je tenminste een baantje hebt. Anders is je inkomen nul.
Mijn broer spreekt veel over ‘hoop’. Daaraan hebben we hier veel behoefte."

Bron(nen):   Newsweek