Het verzetten van de klok: wie heeft dat eigenlijk bedacht?

Vannacht gaat de wintertijd weer in. Voor de een betekent het lekker een uurtje extra slapen, de ander beweert er weken door van slag te zijn. En dat allemaal vanwege één man die in 1907 opperde om de klok te verzetten, zodat er meer daglicht was om van te genieten.

Het is de Londense aannemer William Willett die op een zonnige zomerochtend opmerkt dat alle gordijnen nog dicht zijn. Zonde van al het daglicht, vindt de man die op zijn paard langs de vele donkere huizen rijdt.

Hij dient een officieel plan in, getiteld The Waste of Daylight, waarin hij voorstelt om de klok een uur te verzetten. Energiebesparing en lange zomeravonden zijn zijn belangrijkste argumenten. De ondernemer wil eigenlijk nog veel vaker dan twee keer per jaar de tijd veranderen. Willett geldt als de belangrijkste lobbyist en financiert zijn idee zelf.

Helaas maakt hij de officiële invoering van zijn plan niet meer mee. Hij overlijdt in 1915 aan de gevolgen van de griep. Halverwege de Eerste Wereldoorlog wordt de klok in mei een uur vooruitgezet om de kolenproductie te stimuleren. In de Tweede Oorlog wordt de zomertijd weer afgeschaft.

Maar het zaadje is geplant: in 1977 wil West-Europa vanwege de oliecrisis energie besparen en voert de zomertijd weer in.