Mag je ver op reis?

Als u domweg ‘ja’ antwoordt op bovenstaande vraag, hebt u dit tijdperk niet helemaal goed begrepen. 
Ooit was er een tijd dat je zonder gewetenswroeging kon gaan en staan waar je wilde. En gaf de auto je het gevoel dat je een vrij mens was. Dat laatste is niet langer het geval, want van de ene file beland je in de andere – en in plaats van de horizon in de verte zie je de lelijke bumper van de auto voor je. 
Vrijheid foetsie. 
En kijk er niet gek van op als andere mensen zich dadelijk gaan bemoeien met de vele keren dat  u op reis wilt gaat. En gaan vragen waar meneer zo nodig naar toe wil. En op welke manier hij zich denkt te gaan verplaatsen. 
Zeker, we kunnen nog steeds op reis en er zijn verre bestemmingen die je kunt bereiken zonder diep in de buidel te hoeven tasten, maar zal dat zo blijven? Dertig jaar geleden had je wereldwijd 170 miljoen toeristen, maar wat als het er straks een miljard zijn?
Het onderwerp drong zich aan ons op, omdat we in het prominente Die Zeit een toch wel – laten we zeggen – eigentijds twistgesprek aantroffen. Over wel of niet op reis.
"Ver op reis gaan is geen grondrecht," zegt de schrijver.
"Maar de mensen willen toch in de zon zitten," zo luidt het verweer van zijn opponent.
Ga naar de link voor een debat over nieuwe dilemma’s die tot voor kort niet bestonden.

Bron(nen):   Die Zeit