Sociale netwerksites promoten suicidepact

Twee Engelse dertigers zochten via een Lonely Hearts site een soulmate om samen suïcide te plegen. Binnen één week was de perfecte match gevonden. De eenzaamheid, pijn en wanhoop werden verlicht door de aanwezigheid van een lotgenoot. Het hebben van een gemeenschappelijk doel gaf hen misschien een gevoel van verbondenheid, iets wat ze in hun leven node gemist hadden. Andere forumleden wensten hen succes bij hun poging. Een paar uur na hun eerste ontmoeting werden zij dood gevonden. Heel Groot-Brittannië reageerde geschokt op het suïcidepact.

Wilden beiden niet meer leven en zouden ze er sowieso een eind aan maken? Of werd minstens één van hen op het idee gebracht door het chatten of onder invloed van de groepsleden die het suicidepact een cultstatus verlenen? Of was één van hen een romantische ziel die de ander tot in de dood wilde volgen? Volgens Thomas Dumm, hoogleraar politieke ethiek aan het Amherst College in de USA, en auteur van ‘Loneliness as a Way of Life’, is het niet juist om sociale netwerk sites af te schilderen als sirenes die de kwetsbaren aanzetten tot suïcide. Internet is alleen maar een middel, volgens hem. Professor William Lauder van de Stirling Universiteit, die gespecialiseerd is in het verband tussen eenzaamheid en (geestelijke) gezondheid, zegt dat mensen die eenzaam zijn drie keer meer kans hebben om suïcide te plegen. Bovendien benadrukt hij dat cybersuïcides heel zeldzaam zijn. Ze vormen maar 1 procent van alle suïcides en in 50 procent van die gevallen is er sprake van psychische problemen.

De nabestaanden hebben zich aangesloten bij een organisatie die ijvert voor het sluiten van dergelijke websites. Een woordvoerder van het Britse ministerie van Justitie bevestigde dat iedereen die suïcide op een website propageert of aanmoedigt  vervolgd kan worden en zelfs tot 14 jaar gevangenisstraf tegemoet kan zien. Maar in de praktijk is het niet zo makkelijk om websites op te sporen en te sluiten, omdat ze bv. vaak in het buitenland gehost worden.

Bron(nen):   The Daily Telegraph