Noodsituatie Zuid-Soedan: 4 miljoen mensen hebben hulp nodig

De VN noemt het de meest vergeten humanitaire ramp: van de elf miljoen Zuid-Soedanezen hebben er vier miljoen hulp nodig. Maar 20 procent van hen wordt bereikt. De wereld weet het, maar kijkt toe en doet veel te weinig. NRC beschrijft de hartverscheurende situatie in een ziekenhuistent in een ontheemdenkamp bij het stadje Bentiu in Zuid-Soedan. Het kamp is modderig en staat vanwege het regenseizoen regelmatig onder water. Het is bovendien veel te klein voor 45.000 mensen. Het ontbreekt hen zo ongeveer aan alles: eten, medicijnen, beschutting. Elke dag sterven er baby's door ondervoeding. Nora Echaibi, hoofd van het ziekenhuis van Artsen zonder Grenzen wijst naar een van de tientallen moeders die hun baby’s aan hun lichamen drukken. ''Dat kindje haalt het einde van de dag niet”. Het overlijdt aan een longontsteking. Naast diarree, ondervoeding en malaria de belangrijkste doodsoorzaak. ''15 procent van de kinderen in het kamp is zwaar ondervoed. Het is een noodsituatie.” Toby Lanzer, de humanitaire coördinator van de VN ziet de toekomst somber in. ''Ik zie geen enkel licht aan het einde van de tunnel. Het regenseizoen is begonnen. Vrijwel alle wegen zijn onverhard en het wordt steeds moeilijker om door de modder slachtoffers te bereiken. Steden en markten zijn vernietigd door de strijd en handelaren gevlucht. In grote delen van het land konden bewoners niets planten door de gewelddadigheden. De schade is al aangericht, ook als nu de strijd geheel zou stoppen. Tegen het einde van het jaar zal het hier net zo erg zijn als tijdens de grote hongersnood in Ethiopië, in de jaren tachtig.'' Het laatste zegt hij ook om de donorlanden tot actie te manen. Die trokken nog royaal de portemonnee bij de totstandkoming van het land, maar houden nu angstvallig de hand op de knip. In 2011 scheidde Zuid-Soedan zich af van Soedan. Sinds december wordt er een machtsstrijd uitgevochten tussen de stammen Dinka en Nuer. Er zijn al 10.000 mensen omgekomen tijdens de oorlog. Anderhalf miljoen mensen zijn ontheemd. 900.000 vluchtten de grens over.

Bron(nen):   NRC  Trouw