Oorlog in
Iran, chaos in Gaza, Trump terug in het Witte Huis – en één man die daar politiek én economisch beter van wordt:
Vladimir PoetinIn de oorlogstaal van Trump, Netanyahu en de Iraanse leiders draait alles om kracht, wraak en “overwinning”. Maar wie goed kijkt naar de harde cijfers en de geopolitieke balans, ziet iets anders: niet Washington, niet Teheran en ook niet Jeruzalem staat er beter voor, maar Moskou. Terwijl het Midden-Oosten in brand staat, incasseert
Vladimir Poetin in stilte de dividenden.
De Amerikaanse en Israëlische aanvallen op Iran hebben de energiemarkten op hun kop gezet. De
olieprijs schoot na 28 februari door de grens van 100 dollar per vat, na jarenlang te hebben geschommeld rond veel lagere niveaus. Voor een door sancties uitgeholde Russische oorlogseconomie is dat een godsgeschenk: elke dollar extra per vat betekent miljarden extra in de staatskas. Westerse waivers en uitzonderingen geven Rusland bovendien weer toegang tot grote afnemers als India, dat in korte tijd opnieuw tientallen miljoenen vaten Russische
olie mag inkopen.
Die financiële zuurstof valt precies samen met iets anders waar Moskou van profiteert: de verschuiving van de aandacht. Zolang drones, raketten en liveblogs zich concentreren op Teheran, Gaza en de Straat van Hormuz, verdwijnt
Oekraïne naar de tweede helft van het journaal. Dat vertaalt zich niet alleen in minder publieke verontwaardiging, maar ook in vertraagde wapenleveranties en verslapte politieke urgentie in Europa en de VS. Zelfs de voorzitter van de Europese Raad, António Costa, waarschuwt inmiddels dat er “tot nu toe maar één winnaar is in deze oorlog: Rusland”.
Poetin speelt dit spel koel. Hij presenteert zich tegenover Teheran als trouwe partner, tegenover Trump als nuttige bemiddelaar en tegenover Europa als zogenaamd hoeder van het internationaal recht, terwijl hij zelf al twee jaar lang een buurland aanvalt. Elke nieuwe escalatie in het Midden-Oosten bevestigt zijn narratief dat het Westen met twee maten meet – een propagandawapen dat hij voluit inzet richting de rest van de wereld.l
Zo ontstaat een wrange paradox: hoe meer bommen er vallen op Iran, hoe langer de oorlog in Oekraïne kan voortduren. Het slagveld ligt in de Golf en rond Gaza, maar de enige die zijn positie structureel versterkt, zit veilig in het Kremlin.
Olie-oorlog
Sinds het begin van de Amerikaans-Israëlische aanvallen op Iran is de olieprijs met circa 25 tot 40 procent gestegen, tot ruim boven de 100 dollar per vat. Analisten schatten dat Rusland daardoor honderden miljoenen dollar per dag extra ontvangt uit de export van fossiele brandstoffen. De tijdelijke versoepeling van Amerikaanse sancties maakt bovendien nieuwe leveringen aan India mogelijk, tegen een hogere prijs dan vóór de Iran-crisis.