De School: Je praat eerst over zoiets. Niet meteen politie

Het begon allemaal met een vechtpartijtje in de pauze. De dertienjarige jongen „kwam opgewonden binnen bij de wiskundeles”, zegt directeur Geert Popma van de school. „Hij was wild en trapte om zich heen. De docent zei: ga naar de gang, koel even af, daarna mag je weer naar binnen." De trappende jongen weigerde. „Er was zoveel commotie dat de adjunct-directeur kwam kijken. Ook hij zei: ga de gang op, kalmeer even. Dat heeft de jongen niet gedaan. Toen heeft de adjunct-directeur hem in de kraag gevat en meegetrokken. Daar struikelde hij en kwam hij ten val. Niet ernstig".
NRC: Hoe raakte de stiefvader bij de situatie betrokken?
De directeur: „De stiefvader is kort erna op school gekomen. De jongen heeft vermoedelijk meteen zijn moeder gebeld, die daarna de stiefvader heeft gewaarschuwd. Het is gebruikelijk dat ouders door de school gebeld worden bij wangedrag door hun kinderen, maar meestal gebeurt dat wat later. De stiefvader was boos, en werd niet minder boos toen hij een schoolleider trof die het niet met hem eens was. Hij heeft de politie gebeld. Op de kamer van de adjunct heeft hij de komst van de politie afgewacht.”
NRC: Hoe vindt u het dat een ouder de politie belt?
„Dat is niet hoe je het moet doen. Je gaat iets uitvechten over het hoofd van je zoon of dochter heen.”
NRC: Wat vindt u van de manier waarop de politie deze zaak aanpakte?
"Ik vind het nogal beschadigend om voor het oog van de school de autoriteit van die school af te voeren. Normaal zou zijn te zeggen: we hebben een klacht gehad, kun je even langskomen. Ik begrijp het niet, ik waardeer het niet.”
NRC: De politie zegt de adjunct-directeur te hebben gevraagd mee te komen om hem te beschermen tegen de agressie van de stiefvader. Kon de adjunct-directeur die bescherming waarderen?
"Als een ouder zo bedreigend is, neem je hém toch mee? Tot nu toe heb ik geen bevredigende uitleg gekregen van de politie."

Bron(nen):   NRC