“Het gaat goed met de homo-emancipatie. Behalve in het voetbal”

Er valt nog veel te winnen op het gebied van homo-emancipatie. Niet voor niets is het voor veel homo’s nog altijd lastig om uit de kast te komen. Toch is er ook veel verbeterd zegt socioloog en homoactivist Rob Tielman (72).

In de jaren zeventig hing er nog een groot taboe rondom homoseksualiteit. Wie homo was, hield dat geheim. Dat hoeft nu niet meer. “Het is voor velen nog steeds moeilijk en pijnlijk om uit de kast te komen,” zegt Tielman, “maar de drempel is wel verlaagd, net als de leeftijd van de coming out. In mijn jeugd was de acteur Albert Mol ongeveer de enige van wie iedereen wist dat hij homo was. En dat was nu net geen homo met wie ik mij kon identificeren. Nu zijn er veel meer rolmodellen.” Volgens hem is de kroon op de emancipatie het openstellen van het huwelijk voor partners van hetzelfde geslacht. “Dat is het meest succesvolle ideële exportproduct van Nederland.”

Tielman schreef in 1982 een proefschrift over de maatschappelijke positie van homoseksuelen door de eeuwen heen. “De meeste mensen waren volstrekt niet vertrouwd met die geschiedenis”, zegt Tielman. “Niet met het feit dat homoseksuele geslachtsgemeenschap tot 1811 nog met de dood kon worden gestraft, en dat homoseksualiteit tot 1971 nog een grond voor ontslag kon zijn.”

Wie zich dat realiseert, beseft dat er veel is veranderd. Volgens Tielman is het mannenvoetbal een van de laatste bastions van homovijandigheid. “In de ogen van jongens die zijn ondergedompeld in de straatcultuur verloochent zo’n man zichzelf. Om er geen misverstand over te laten bestaan dat zij uit ander hout zijn gesneden, zijn ze fel in hun anti-homo uitingen. Maar daarmee maskeren ze vaak hun eigen emotionele problemen.”

Bron(nen):   De Volkskrant