Topschaatsers gebruikten mogelijk doping zonder dat ze het wisten

Op de laatste dag van het Europees Kampioenschap in 1985 is een koffertje met urinestalen van schaatssters Yvonne van Gennip en Ria Visser gestolen uit het dopinglaboratorium van het Nijmeegse Radboud Ziekenhuis. De KNSB heeft dat destijds geheim gehouden. Dat meldt de Volkskrant.

De schaatsbond zou gevreesd hebben voor een dopingschandaal. Vermoedelijk heeft bondsarts Rob Pluijmers het koffertje ontvreemd. Dopingonderzoeker Douwe de Boer, destijds stagiair bij het lab, stelt dat Pluijmers aan het hoofd van het laboratorium bekend heeft dat hij het koffertje in de Waal heeft gegooid.

Volgens De Boer had het lab vlak voor het EK apparatuur aangeschaft waarmee verboden testosteron in de urine kon worden aangetoond. “Waarschijnlijk heeft hij geëxperimenteerd met anabole steroïden en werd hij vervolgens heel erg zenuwachtig’’, zegt De Boer in de krant.

De arts ontkent evenals Van Gennip en Visser, die onverwacht tweede en vierde werden op het EK. “Ik kan mezelf recht in de spiegel aankijken. Ik word nog regelmatig aangesproken over mijn prestaties. Ik zou niet met mezelf kunnen leven als ik die niet op een eerlijke manier had behaald,” klinkt het. Waarschijnlijk wisten ze zelf niets van de eventueel toegediende doping.

Bron(nen):   De Volkskrant