Baby’s moeten op hun buik liggen

In de jaren ’40 ontdekte een New Yorkse kinderarts, dat de meerderheid van de kinderen die stierven aan wiegendood of SIDS (Sudden Infant Death Syndrome) op hun buik sliepen. Sinds ouders het advies krijgen om kinderen op hun rug of zij te laten slapen, is het aantal SIDS gehalveerd.

Het gevolg was dat ouders hun baby’s helemaal niet meer op hun buik durfden te leggen, ook als ze wakker waren en dat vertraagt hun motorische ontwikkeling: het duurt langer voor ze hun hoofd kunnen optillen, om kunnen rollen, tijgeren en zichzelf kunnen optrekken. Nu zijn er steeds meer gegevens die erop wijzen dat de motorische vaardigheden die aan het lopen voorafgaan van cruciaal belang zijn voor de gezondheid en het cognitief functioneren op latere leeftijd.

Gegevens van ongeveer 1000 Finnen die sinds hun geboorte in 1966 gevolgd werden, toonden aan dat een maand achterstand qua motorische ontwikkeling als baby nog te merken was in de sportieve prestaties van 14-jarigen, en het uithoudingsvermogen en de spierkracht van 31-jarigen.

Andere studies lieten zien dat de vroege motorische ontwikkeling van invloed is op de hersenen en meer bepaald op de cognitieve functies. Iedere maand dat een kind eerder los kon staan, kwam overeen met een half IQ punt meer op 8-jarige leeftijd. Ook op dit vlak was het verschil nog merkbaar na 30 jaar.

Toch krijgen 90% van de jonge ouders nog steeds het advies om hun baby’s niet op hun buik te slapen te leggen, terwijl slechts 55% te horen krijgt dat het goed is om het kind regelmatig op de buik te leggen als het wakker is.

Bron(nen):   Slate