Kans op zenuwaandoening groter na vaccinatie, maar nog véél groter na coronabesmetting

Na vaccinatie met AstraZeneca loop je iets meer kans op zenuwaandoeningen. Maar de kans daarop is nog groter na een coronabesmetting. Daarover schrijft NRC.

Dat blijkt uit een enorm onderzoek van data van 32 miljoen Britten, dat in Nature Medicine verscheen. Bij AstraZeneca gaat het om een iets verhoogde kans op Guillain Barré Syndroom (GBS) en om aangezichtsverlamming (Bellse parese) in de eerste weken na de prik. Het zijn ernstige aandoeningen, maar mensen herstellen wel weer na weken tot maanden. Bij het Pfizer-vaccin is het risico iets groter op een hersenbloeding. Maar de kans op deze ziekten is nog veel groter na een coronabesmetting.

Er bleken 38 extra patiënten met GBS op de tien miljoen mensen te zijn na de AstraZenecaprik, concludeerden de wetenschappers van onder meer de universiteit van Oxford. Na een coronabesmetting waren er 145 extra ziektegevallen per 10 miljoen infecties. Ook andere zenuwontstekingsziekten kwamen veel vaker voor na besmetting: er waren 123 extra patiënten per 10 miljoen met hersenvlies- of ruggenmergontsteking, en 163 extra gevallen per 10 miljoen met spierzenuwaandoeningen.

Er is dus nog eens een keer heel duidelijk aangetoond dat je veel beter een vaccin kunt nemen dan een coronabesmetting door te maken. 

Bron(nen):   NRC