Extreem verlegen? Ga naar het familielab in Leiden

Eén op de tien Nederlanders heeft op enig moment in zijn leven last van een ‘sociale fobie’, dat wil zeggen: hij of zij is extreem verlegen, durft niet onder de mensen te komen, is bang om te gaan stotteren, trillen of anderszins te stuntelen. Extreme verlegenheid kan allerlei oorzaken hebben en kinderen nemen het gedrag soms over van hun ouders, maar het probleem zit voor een deel ook in de genen. Vaak hebben meerdere generaties binnen een familie er last van.

Het Leiden Social Anxiety Network (LSAN) heeft daarom een speciaal familielab ingericht. Niet alleen de persoon die extreem verlegen is, maar zijn hele familie en eventuele schoonfamilie kunnen daar worden ontvangen, ondervraagd en onderzocht door een groep onderzoekers. De Leidse onderzoekers willen het samenspel van genen en omgeving ontrafelen door middel van hersenscans, bloedonderzoek (voor het opsporen van de betrokken genen en het meten van o.a. hormoonspiegels), onderzoek naar psychologische kenmerken en omgevingsonderzoek.

Ontwikkelingspsycholoog Michiel Westenberg: ‘Familieonderzoek is gecompliceerd en duur en daardoor wereldwijd heel zeldzaam. Maar je hebt die hele families toch nodig, ook de kant waarin extreme verlegenheid niet voorkomt. We weten wel iets over de effecten van genen en omgeving afzonderlijk, maar uit onderzoek naar agressie of depressie blijkt juist de interactie tussen beiden belangrijk. Je hebt de omgeving nodig om de genen te kunnen vinden.’

Ook al zal de eerste stap heel moeilijk zijn: hoe meer verlegen mensen zich bij het lab melden, des te eerder zullen de oorzaken bekend zijn.

Bron(nen):   De Pers  LSAN