Steptest is niet zonder gevaar

Het mag er ongevaarlijk uitzien, maar de afname van een steptest zonder de aanwezigheid van een arts is onverantwoord, stelt Dominique Hansen, onderzoeker aan het Hartcentrum Hasselt. Hij stelde vast dat meer dan 2/3 van de mensen tijdens steptests in de gevarenzone voor het hart komen.

De beste manier om zicht te krijgen op je sportconditie is een maximale inspanningstest. Een pittige test, want je gaat op een fiets of loopband tot het uiterste. Ondertussen registreert men je hartslag, analyseert men soms ook nog de gassen die je uitademt en prikt men bloed om de evolutie van het lactaat in het bloed te volgen. Maar dat is voor veel fitnesscentra te duur en te complex. Zij zien de steptest als een handig alternatief. Je hebt er alleen een bankje en een hartslagmeter voor nodig.

Een maximale inspanningstest jaagt je hart op tot het niet meer sneller kan en dat is niet zonder gevaar. Van zodra je boven 75% van je maximale inspanningsvermogen gaat, neemt het risico op een hartinfarct of ritmestoornissen toe. Niet veel, maar toch. Dat gebeurt vooral bij mensen die zulke inspanningen niet gewend zijn, zoals mensen die nooit sporten en dan in een fitnesscentrum hun conditie laten meten.

Een steptest is een eenvoudige test. Op en af een bankje stappen, meer houdt het niet in. Er werd dan ook aangenomen dat steptests niet zo zwaar zijn als maximale inspanningstest. Hansen stelde echter vast dat bij bijna 70% van de proefpersonen de intensiteit steeg tot boven de veiligheidsgrens van 75% van hun maximale zuurstofopname. Bij meer dan 40% zelfs tot meer dan 95%. Volgens de richtlijnen voor maximale inspanningstests hoort er dan een arts in de buurt te zijn. Maar dat is voor veel fitnesscentra niet haalbaar.

Bron(nen):   Knack