Jort Kelder is op Terschelling opnieuw onderwerp van gesprek na een woordenwisseling met een verkeersregelaar tijdens het Oerol-festival, waarbij zijn gedrag door omstanders als opvallend arrogant werd ervaren. Tegelijkertijd verdedigt de presentator zich fel en legt hij de schuld vooral bij wat hij „doorgeslagen ambtenarij” noemt.
Op zondagavond, aan het einde van het Oerol-festival op Terschelling, haalde
Jort Kelder met zijn auto een aantal gasten op bij het festivalterrein, waar op dat moment een massale uitstroom van fietsers op gang was gekomen. Volgens verkeersregelaar Roelof Kram probeerde Kelder daarbij tegen het verkeer in te rijden en werd hij door twee verkeersregelaars tegengehouden, die hem vroegen de verplichte rijrichting te volgen in verband met de veiligheid. Kram zegt dat de sfeer grimmig werd, dat de beveiliging werd opgeroepen en dat Kelder foto’s en video’s maakte terwijl hij aankondigde er „wel een stukje over te schrijven”.
Kelder erkent het incident, maar noemt de lezing van de verkeersregelaar „eenzijdig” en stelt dat hij stapvoets reed om mensen op te pikken die al een uur op een taxi hadden gewacht. Toen hij enkele minuten later dezelfde weg terug wilde nemen, werd hem dat geweigerd, waarna hij sprak van „regels zijn regels zijn regels” en „volstrekt doorgeslagen ambtenarij”, zelfs in één adem met de toeslagenaffaire. Uiteindelijk reed hij, naar eigen zeggen geïrriteerd, zeven kilometer om „voor honderd meter weg”, en verwijt hij de verkeersregelaar „eigen domme gedrag”.