Suriname eindelijk rijk

Het on-Surinaamse sprookje dat Staatsolie heet, duurt nog altijd voort. De jaarproductie van 5,9 miljoen vaten is nog niet eens wat Saoedi Arabië in een dag uit de grond pompt, maar voor een land met amper een half miljoen inwoners is het heel wat. Met maar liefst 248 miljoen dollar winst, 55 procent meer dan in 2007, spekte Staatsolie, volledig eigendom van de overheid en een ongewoon toonbeeld van efficiënt ondernemerschap in een ontwikkelingsland, vorig jaar de schatkist. En dat op een omzet van een half miljard dollar. Suriname verdient anno 2009 aanzienlijk meer aan olie dan aan bauxiet – de kurk waarop het land decennialang dreef, maar die in 2008 nog ‘slechts’ goed was voor 58 miljoen dollar.

Het zou nog veel mooier kunnen worden als de miljarden vaten olie die voor de kust worden vermoed, zouden worden gewonnen.

‘We mogen best trots zijn op Staatsolie’, benadrukt Tjong Ahin die werkt voor de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (IDB). ‘Maar we hebben ook geluk gehad met het bedrijf: juist omdat velen in het land en in de politiek niet geloofden in Staatsolie, bleef de politiek ervan af en kon het management rustig zijn gang gaan, Maar ik weet niet of je hetzelfde succes ook krijgt als je dit management plaatst op bijvoorbeeld een landbouwbedrijf. We moeten ons als land bewust zijn van onze beperkingen wanneer het gaat om ons managementvermogen.’

Bron: de Volkskrant