Een creditcard is loeiduur

Leerzaam stuk in The New York Times over aard en wezen van de creditcard. Het artikel gaat over de Verenigde Staten, maar laten we er maar vanuit gaan dat de situatie in Nederland weinig anders is.
De Amerikaanse consumenten betalen jaarlijks in totaal 48 miljard dollar voor het gebruik van creditcards.
Huh? De kaart is toch gratis? Tja, gratis… ‘t Is maar hoe je het bekijkt.
De markt van creditcards is nagenoeg verdeeld tussen Visa en MasterCard – u ongetwijfeld welbekend. Respectievelijk hebben ze in de VS voor 47 en 35 procent de markt in handen. Beide bedrijven doen de afhandeling van transacties, maar ze hebben banken nodig om klanten binnen te hengelen. De bank die een klant aanbrengt, wordt daarvoor goed beloond.
Creditcard-maatschappijen brengen vervolgens een fee in rekening bij de zaak waar u met uw kaart betaalt en uiteraard komt dit bedrag gewoon op de rekening van de klant terecht. Met andere woorden: alle gemaakte kosten (plus de winsten) zijn voor uw rekening.
The New York Times klaagt dat de gehanteerde marges in de VS veel te hoog zijn – wat de krant betreft moeten die naar beneden. Is goed voor de consumptie, wordt erbij gezegd. Ongetwijfeld, maar wat goed is voor de consument, is meestal slecht voor de banken. Die zoals bekend in een dergelijk geval aan het langste eind trekken.

Bron(nen):   The New York Times