Terwijl ABN Amro, ING en Rabobank spaarders afschepen met een schamele
rente, strijken klanten van kleinere banken en spaarplatforms inmiddels bijna 3,5 procent op. „Geld vastzetten bij de
bank is in korte tijd een stuk aantrekkelijker geworden”, zegt Juul Klarenbeek van vergelijker Spaarrente.nl.
Bij de grootbanken krijg je nog altijd bar weinig voor je spaargeld: ABN Amro en ING geven 1,25 procent, Rabobank houdt het op 1,5 procent. Peanuts, vergeleken met wat elders te halen valt. Bij diverse kleinere banken staat de gewone spaarrente tegenwoordig namelijk op 2 procent of meer. En wie zijn geld voor een jaar vastzet op een deposito, komt bij vooral buitenlandse banken zelfs uit op bijna 3,5 procent.
Hoger dan de inflatie
Dat is opvallend, want die 3,5 procent ligt net boven de inflatie van vorige maand (3,3 procent). Spaarders die slim schuiven met hun geld, houden dus voor het eerst in lange tijd weer geld over in plaats van dat de inflatie hun spaargeld stilletjes opeet.
„Wie een deel van zijn spaargeld voorlopig niet nodig heeft, krijgt daar nu een flink hogere rente voor”, aldus Klarenbeek tegen De Telegraaf. Ook Jasper Berkhout van spaarplatform Raisin ziet het positief: „Voor spaarders die gebruikmaken van de flink gestegen rente op termijndeposito's valt er tegenwoordig weer iets te lachen. Ook bij korte looptijden zijn de rentes aantrekkelijk.”
ECB kan roet in het eten gooien
Donderdagmiddag verhoogt de Europese Centrale Bank de rente vrijwel zeker opnieuw, met 0,25 procentpunt naar 2,5 procent. Dat is na de renteverhoging van juni alweer de volgende stap in de strijd tegen de hoge inflatie. Voor spaarders is dat goed nieuws. „Verhoogt de ECB donderdag inderdaad opnieuw de rente, dan vergroot dat de kans dat depositorentes voorlopig hoog blijven”, zegt Klarenbeek.
Zo pak je zelf een betere rente
Blijven zitten bij je eigen bank hoeft niet te betekenen dat je genoegen neemt met een lage rente, benadrukt Berkhout. „Dat kan door rond te shoppen en te kijken naar een andere spaarbank met een hogere rente. Maar dat kan ook door bij je bank te blijven en je geld te verdelen tussen je gewone spaarrekening en termijndeposito's.”
Klarenbeek adviseert daarnaast om niet je hele buffer in één keer vast te zetten. „Je kunt het bedrag ook spreiden over deposito's met verschillende looptijden. Dan valt bijvoorbeeld ieder halfjaar of ieder jaar een deel vrij en staat niet al je spaargeld tegelijk vast.”
Houd wel een vrije buffer aan
Voor onverwachte uitgaven blijft het verstandig om niet alles vast te zetten. „Voor veel spaarders werkt de combinatie van vast en vrij opneembaar spaargeld goed”, aldus Klarenbeek. „Zet het geld dat je langere tijd niet nodig hebt vast tegen een hogere depositorente en houd je buffer flexibel.”
Wie een huis wil kopen, merkt de gestegen rente overigens van de andere kant: de hypotheekrente staat deze maand op het hoogste punt in ruim twee jaar.