Het aantal
jongeren met een bijstandsuitkering loopt op. Vooral onder mensen jonger dan 27 jaar is de stijging zichtbaar, blijkt uit recente CBS-cijfers waarover meerdere media schrijven. Voor jongeren van 18 tot 21 jaar gelden bovendien afwijkende — en aanzienlijk lagere — bijstandsnormen dan voor volwassenen vanaf 21 jaar.
Dat maakt de financiële positie van deze groep extra kwetsbaar. Wie jong is, geen werk heeft en geen beroep kan doen op ouders, moet rondkomen van een bedrag dat vaak niet genoeg is voor zelfstandig wonen.
Waarom jongeren minder bijstand krijgen
De Participatiewet gaat ervan uit dat ouders financieel verantwoordelijk zijn voor hun kinderen tot zij 21 jaar zijn. Daarom ontvangen thuis- en uitwonende jongeren tussen 18 en 21 jaar niet de gewone bijstandsnorm voor volwassenen.
Een alleenstaande van 21 jaar of ouder ontvangt in 2026, inclusief vakantiegeld, volgens een eerder gepubliceerd rekenvoorbeeld ongeveer €1.401,50 per maand aan
bijstand. Jongeren onder de 21 vallen daar niet onder en krijgen een veel lagere jongerennorm.
De exacte hoogte hangt af van de woonsituatie:
| Situatie | Wat geldt er? |
| Jonger dan 18 jaar | In principe geen recht op algemene bijstand |
| 18 tot 21 jaar, thuiswonend | Lagere jongerennorm, omdat ouders geacht worden bij te dragen |
| 18 tot 21 jaar, uitwonend | Ook een lagere norm dan volwassenen, met mogelijke aanvulling in uitzonderlijke gevallen |
| Vanaf 21 jaar | Reguliere bijstandsnorm voor alleenstaanden, samenwonenden of gezinnen |
De gemeente beoordeelt altijd de persoonlijke situatie. Daarbij spelen onder meer het inkomen, vermogen, de woonsituatie en de mogelijkheid van steun door ouders mee.
Aanvulling mogelijk bij bijzondere omstandigheden
Niet iedere jongere kan terugvallen op ouders. Bijvoorbeeld door een ernstige ruzie, verwaarlozing, schuldenproblematiek, een onveilige thuissituatie of doordat ouders simpelweg niet kunnen bijdragen. In zulke gevallen kan een gemeente een hogere
uitkering toekennen via bijzondere bijstand of een individuele aanvulling.
Dat gebeurt niet automatisch. De jongere moet aannemelijk maken waarom ouderlijke steun ontbreekt of onvoldoende is. Gemeenten vragen daarbij vaak om bewijsstukken, zoals informatie over de woonsituatie, contact met ouders, inkomen of hulpverlening.
Wie in deze situatie zit, kan behalve bijstand ook informeren naar:
- Bijzondere bijstand voor noodzakelijke extra kosten.
- Huurtoeslag, als aan de voorwaarden wordt voldaan.
- Zorgtoeslag.
- Hulp bij schulden, inkomen en werk via de gemeente.
- Ondersteuning van jongerenwerk, sociaal wijkteam of maatschappelijk werk.
- Studiefinanciering, wanneer iemand een opleiding volgt en daar recht op heeft.
Aantal bijstandsuitkeringen stijgt
De stijging onder jongeren onder de 27 past in een breder beeld: het aantal mensen met een bijstandsuitkering nam toe. Vooral jongeren en mannen vallen daarbij op. De bijstand is bedoeld als financieel vangnet voor mensen die niet genoeg inkomen of vermogen hebben om van te leven en geen beroep kunnen doen op een andere uitkering.
Voor volwassenen ligt de norm beduidend hoger. Een alleenstaande vanaf 21 jaar kreeg vanaf juli 2025 in totaal €1.369,06 per maand inclusief vakantiegeld; bij de indexering voor 2026 werd dat geschat op ongeveer €1.397,58 per maand. De later genoemde 2026-berekening komt uit op €1.401,50. Verschillen kunnen ontstaan door de peildatum en wijze waarop vakantiegeld wordt meegerekend.
Bijstand aanvragen: zo werkt het
Een aanvraag loopt via de gemeente waar iemand woont. Dat kan meestal online met DigiD. De gemeente onderzoekt vervolgens of er recht is op bijstand en welke norm van toepassing is.
Voor een aanvraag zijn doorgaans nodig:
- Een geldig identiteitsbewijs.
- Bankafschriften.
- Informatie over inkomen en vermogen.
- Huurcontract of bewijs van woonadres.
- Gegevens over werk, opleiding en eventuele uitkeringen.
- Bij jongeren onder 21: informatie over de financiële mogelijkheden van ouders.
De gemeente kan ook vragen eerst te zoeken naar werk, een opleiding of andere inkomensvoorzieningen. Jongeren tot 27 jaar krijgen bij veel gemeenten te maken met een zoektijd voordat de aanvraag volledig wordt behandeld.
Kort samengevat
De bijstand voor jongeren van 18 tot 21 jaar is lager dan die voor volwassenen, omdat ouders volgens de wet nog onderhoudsplichtig zijn. Maar wanneer steun van ouders ontbreekt of niet mogelijk is, kan de gemeente in uitzonderlijke situaties extra hulp bieden. Nu het aantal jongeren in de bijstand toeneemt, is het voor deze groep belangrijk om niet alleen naar de gewone uitkering te kijken, maar ook naar toeslagen, bijzondere bijstand en gemeentelijke ondersteuning.