De
Straat van Hormuz valt stil, installaties worden geraakt en energieprijzen schieten omhoog. Wat betekent dit voor
Iran, Europa en de wereldeconomie? Niet veel goeds, voorspelt
The Economist.Wat jarenlang als het doemscenario gold in analyses over Iran, voltrekt zich nu in het echt: tegelijk escaleren aanvallen op
energie-infrastructuur én valt het verkeer door de
Straat van Hormuz grotendeels stil. Dat is de kwetsbaarste plek van de wereldenergiemarkt, omdat dagelijks ongeveer een derde van de over zee verhandelde ruwe
olie en een vijfde van LNG erdoorheen gaat.
Sinds eind februari zijn energieprijzen al scherp opgelopen: Brent-olie steeg in enkele dagen met 14% naar 83 dollar per vat, terwijl Europese gasprijzen sprongen van 54 naar 63 euro per MWh (ruim 70% hoger dan een week eerder). Tegelijk waarschuwden maritieme en verzekeringsmarkten voor het directe gevolg van onzekerheid: schepen blijven liggen, routes verschuiven, en de kosten van transport en dekking schieten omhoog.[
De ironie is dat Iran met deze strategie niet alleen zijn tegenstanders treft, maar ook het systeem waar het zelf afhankelijk van is. Een langdurige verstoring maakt niet alleen de regio armer en onveiliger; ze versnelt ook een wereldwijde zoektocht naar alternatieve aanvoer: West-Afrika, Brazilië, Noorwegen en de VS komen sneller in beeld voor Aziatische kopers. De markt kijkt dus niet alleen naar “wat is er geraakt?”, maar vooral naar “hoe lang houdt dit aan?”.
De cijfers achter de schok
Door de Straat van Hormuz gaat normaal circa 14 miljoen vaten ruwe olie per dag en nog eens 4 miljoen vaten aan olieproducten. Op 2 maart staken volgens Vortexa slechts vier olietankers de zeestraat over, tegen een daggemiddelde van 52 in februari. Wood Mackenzie schat dat elke week dat Hormuz dicht blijft, wereldwijd 1,5 miljoen ton LNG-aanbod wegvalt.
Voor Europa is de les ongemakkelijk: ook zonder grote directe aankopen uit de Golf blijft het continent prijsgevoelig, omdat olieproducten en LNG-markten wereldwijd aan elkaar vastzitten. En als gas en olie tegelijk duurder worden, werkt dat door in stroomprijzen, industriemarges en uiteindelijk het politieke klimaat—precies op het moment dat veel landen dachten de ergste energiepaniek achter zich te hebben.