Jongens groeien op in een giftig klimaat waarin vrouwenhaat weer salonfähig is, en het
gezin is de eerste plek waar dat pijn doet, constateert
Le Monde. Moeders en zussen krijgen de woede en minachting te verduren van jongens die online leren dat feminisme hun vijand is.
Thuisfront van de nieuwe vrouwenhaat
In een interview schetst de politicoloog
Francis Dupuis-Déri hoe jongens de afgelopen jaren merkbaar vrouwenhatender zijn geworden dan daarvoor. Leraren melden dat in vrijwel elke klas een klein, luidruchtig groepje jongens openlijk seksistische en transfoob taalgebruik normaal vindt. Zij citeren rolmodellen als Andrew Tate, Elon Musk en
Donald Trump en presenteren vrouwenrechten als een aanval op “de man”.
Die radicalisering begint niet op school, maar in de huiskamer: aan de eettafel, op de bank met een smartphone in de hand. Moeders en zussen merken het als eerste wanneer een jongen ineens de toon over “vrouwen” verandert, over grenzen grapt, of vindt dat
vrouwen “te veel macht” hebben. Zij leven op de frontlinie van een ideologische strijd die zij niet zelf hebben gekozen.s
Cijfers van een backlash
Het Franse Haut Conseil à l’Égalité signaleert een forse toename van zowel “vijandig” als “paternalistisch” seksisme, vooral onder jonge mannen. In het meest recente barometeronderzoek zegt rond 40 procent van de mannen van 15 tot 34 jaar het moeilijk te vinden om man te zijn in de huidige samenleving; dit aandeel is in enkele jaren sterk gestegen. Tegelijkertijd beschouwt een groeiende minderheid geweld als een aanvaardbaar middel om respect af te dwingen. De boodschap: jongens zien zichzelf steeds vaker als slachtoffers van emancipatie, en reageren met verzet in plaats van met gesprek.voxeurop+4
Nederlandse emancipatiecijfers laten zien dat geweld en grensoverschrijdend gedrag tegen vrouwen hardnekkig hoog blijven, ondanks decennia beleid. Ook hier ontstaat de botsing tussen meisjes die eerder feministisch worden en jongens die zich terugtrekken in een online wereld vol vrouwonvriendelijke memes en influencers.
Wat ouders wél kunnen doen
Ouders hebben geen toverstaf, waarschuwt Dupuis-Déri: verontwaardigd verbieden of schelden werkt averechts. Wat helpt, is precies het tegenovergestelde van wat de algoritmen doen: vertragen, vragen stellen, nieuwsgierig zijn naar wat hun zoon online ziet en daar het gesprek over voeren. Niet één-op-één, maar in de hele familie – zodat zussen niet alleen de bliksemafleiders zijn, maar bondgenoten in een gesprek over respect, macht en gelijkwaardigheid.