Je krijgt een appje: een groepsfoto van het etentje van gisteren of van die bruiloft van vorige maand. Voordat je goed en wel hebt gezien wie er nog meer op staat, heb je jezelf al gevonden. En al afgekeurd. Die glimlach is raar. Je ziet er ineens ouder uit dan in je hoofd. Je oog schiet meteen naar het ene lichaamsdeel waar je toch al een moeizame relatie mee hebt. Terwijl de rest van de groepsapp al hartjes-emoji's stuurt, zit jij te staren en je af te vragen of niemand anders ziet wat jij ziet of erger nog, dat ze het wél zien, en gewoon te aardig zijn om het te zeggen.
Herkenbaar? Dan ben je niet ijdel. Je doet gewoon wat bijna iedereen doet. Wat je ziet op zo'n foto is nooit alleen de foto. Het is een optelsom van alles wat je al over jezelf gelooft: onzekerheden, die ene rotopmerking van een leraar in groep 7, jarenlange focus op wat er anders zou moeten aan je lijf.
Psychologen noemen dit bevestigingsbias en het werkt precies zoals het klinkt: als een deel van jou al jaren denkt dat je niet mooi genoeg bent, wordt een foto niet gewoon bekeken. Hij wordt afgespeurd naar bewijs.
Waarom we voor onszelf zoveel strenger zijn
Grappig genoeg zijn we vaak veel milder voor anderen op een foto dan voor onszelf. Als een vriendin haar telefoon laat zien en zucht "ugh, ik zie er niet uit", kijk jij waarschijnlijk helemaal niet naar wat zij bedoelt. Jij ziet vooral hoe blij ze eruitziet of hoe mooi het licht die avond was.
Bij je eigen foto's vernauwt die blik ineens. Wat een vriendin ziet als "wat was jij gelukkig die dag", zie jij als "mijn armen". Zelfde foto, compleet ander verhaal, omdat het geen objectieve blik is, maar een oud verhaal over jezelf dat zo vertrouwd voelt dat het net waarheid lijkt.
Van herinnering naar toets
Ergens is een foto voor veel mensen gestopt een herinnering te zijn en een toets geworden: zie ik er acceptabel uit, in plaats van hebben we iets moois vastgelegd. En zodra uiterlijk de maatstaf wordt, verdwijnt de rest, zoals die mooie vakantie, de mensen van wie je houdt, het feest zelf, naar de achtergrond.
Een andere blik
Dus de volgende keer dat een foto je doet ineenkrimpen: negeer je eerste reactie. Vraag jezelf af wat er die dag speelde, met wie je was, wat je zou zien als het een foto van iemand anders was die je liefhebt.
Je gaat heus niet elke foto van jezelf ineens geweldig vinden. Dat hoeft ook niet. Maar over een paar jaar herinner je je toch niet meer wat er mis was met je armen, je herinnert je wie er naast je stond en waarom je moest lachen.