WASHINGTON (ANP) - Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) verwacht door de oorlog in het Midden-Oosten op korte termijn voor 20 miljard tot 50 miljard dollar aan verzoeken om financiële steun te krijgen. Topvrouw Kristalina Georgieva heeft dit donderdag gezegd. Ze benadrukte dat de 191 aangesloten landen op het kredietfonds kunnen rekenen als ze hulp nodig hebben.
"Als brandweer zijn we er voor jullie wanneer een crisis toeslaat", stelde de Bulgaarse in een toespraak in Washington. Daarbij sprak ze de hoop uit dat het huidige staakt-het-vuren tussen Iran en de Verenigde Staten standhoudt. Maar ook als dat zo is, zal het IMF volgens haar verzoeken krijgen om voor zo'n 20 miljard dollar bij te springen.
Het gaat dan om leningen die landen nodig hebben om acute crises te doorstaan en verspreiding van problemen te voorkomen. Dat geld moeten landen later wel terugbetalen.
Verschillende scenario's
Hoe groot de economische klap van de oorlog precies is, is voor economen nog lastig in te schatten. Dat hangt vooral van het verloop van de oorlog af. Gezien de grote onzekerheid zullen de voorspellingen voor de wereldeconomie waarmee het IMF volgende week komt verschillende scenario's bevatten, van een relatief snelle normalisatie tot een scenario waarin olie- en gasprijzen veel langer veel hoger blijven.
Volgens Georgieva zijn de verschillen tussen landen sowieso groot. Landen die direct door de oorlog zijn ontwricht en landen die afhankelijk zijn van geïmporteerde olie en gas hebben het het zwaarst.
Vraag naar energie beperken
Het IMF raadt overheden aan te kijken naar mogelijkheden om de vraag naar energie te beperken, zoals het Internationaal Energieagentschap (IEA) onlangs al opperde. Dan gaat het bijvoorbeeld om beperkingen van het autogebruik en het stimuleren van thuiswerken. Ook tijdelijke steun aan kwetsbaren in de samenleving noemde Georgieva als een optie.
Algehele belastingverlagingen, generieke energiesteun of het hamsteren van olie of gas door exportbeperkingen zijn volgens de IMF-topvrouw in ieder geval niet het antwoord. Overheden "moeten oppassen dat ze de zaken niet erger maken. Daarom doe ik een beroep op alle landen om eenzijdige acties af te wijzen - exportcontroles, prijscontroles, enzovoort - die de mondiale omstandigheden verder kunnen verstoren: gooi geen benzine op het vuur."