In de categorie 'wat mensen al niet overhebben voor een mooier lichaam' is er weer iets nieuws: zombiefillers. Dit is vet van dode mensen dat je in je borsten of billen kunt laten spuiten.
Het middel, bekend onder de naam Alloclae, bestaat uit vetweefsel afkomstig van overleden donoren dat wordt gezuiverd en geïnjecteerd voor esthetische doeleinden. Waar voorheen lichaamseigen vet de norm was, biedt Alloclae een alternatief voor mensen die onvoldoende vet hebben of geen ingreep willen ondergaan om het te verkrijgen.
Borstvergrotingen
De behandeling wordt gepresenteerd als minimaal invasief: geen narcose, nauwelijks hersteltijd en relatief weinig pijn. Volgens plastisch chirurg Douglas Steinbrech is het een “gamechanger”. Vooral vrouwen gebruiken het voor borst- en bilvergrotingen, maar ook mannen tonen groeiende interesse, mede door veranderende schoonheidsidealen en online trends zoals 'looksmaxxing'.
Tegelijkertijd is de context waarin Alloclae opkomt veelzeggend. Het gebruik van afslankmedicatie zoals Ozempic heeft geleid tot een nieuwe groep patiënten die snel vet verliezen en kampen met volumeverlies en losse huid. Cosmetische klinieken spelen hierop in door nieuwe oplossingen te bieden, waaronder injecteerbaar donorvet.
Hoewel fabrikanten benadrukken dat Alloclae grondig wordt gezuiverd om afstotingsreacties te voorkomen, blijven er vragen over veiligheid en ethiek. Het product is niet expliciet goedgekeurd zoals andere cosmetische middelen. Critici wijzen op het gebrek aan langetermijnstudies. Zo waarschuwen sommige artsen dat een injectie in de borst mogelijk het interpreteren van mammogrammen bemoeilijkt.
Morele bezwaren
Daarnaast spelen morele kwesties rond donorweefsel. Hoewel orgaan- en weefseldonatie doorgaans wordt gezien als een altruïstische daad, is het onduidelijk of donoren expliciet instemmen met gebruik voor cosmetische doeleinden. In standaard donatieformulieren wordt vetweefsel niet specifiek benoemd.
De beeldvorming rond Alloclae is dan ook dubbel. Enerzijds wordt het geprezen om zijn veelzijdigheid en potentie – niet alleen voor cosmetische ingrepen, maar ook voor reconstructieve toepassingen, zoals na ongelukken of operaties. Anderzijds zorgt de herkomst – vet uit menselijke lichamen – voor ongemak en stigma.
De hoge kosten vormen voorlopig een praktische drempel. Behandelingen kunnen tienduizenden dollars kosten, mede doordat de beschikbaarheid afhankelijk is van donorweefsel. Toch verwachten experts dat de prijzen op termijn zullen dalen.
Uiteindelijk weerspiegelt Alloclae een bredere ontwikkeling binnen de esthetische geneeskunde: technologische innovatie die sneller gaat dan maatschappelijke en medische consensus. Voorstanders zien het als een logische volgende stap in lichaamsoptimalisatie, terwijl critici oproepen tot meer onderzoek en voorzichtigheid. Wat vaststaat, is dat de grens tussen medische noodzaak en cosmetisch verlangen steeds verder vervaagt.