Duizenden Syriërs keren op dit moment vrijwillig terug naar hun land, vaak met steun van de VN, maar Syrische vluchtelingen in Nederland doen dat tot nu toe nauwelijks. Terwijl in buurlanden van Syrië en in Turkije inmiddels een ware terugkeergolf op gang is gekomen, blijft de Syrische gemeenschap hier grotendeels zitten waar ze is. Blij dat Assad weg is (zie foto). Maar niet blij genoeg om terug te gaan.
Wat er gebeurt
Volgens de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR zijn sinds de val van het Assad-regime in december 2024 ruim een miljoen Syrische vluchtelingen vanuit buurlanden teruggekeerd, vooral uit Turkije, Libanon en Jordanië. Alleen al uit Turkije zouden meer dan 600.000 Syriërs vrijwillig zijn vertrokken, veelal met begeleiding, vervoer en financiële steun. Libanon en Jordanië melden vergelijkbare stromen, met samen enkele honderdduizenden terugkeerders.
In Europese landen is het beeld anders. Duitsland telt nog altijd vrijwel alle circa een miljoen Syriërs die sinds 2015 zijn gekomen; slechts ongeveer 6.100 geregistreerde vluchtelingen zijn teruggekeerd naar Syrië. Ook Nederland ziet nauwelijks uitstroom: de populatie Syrische
asielzoekers in COA-opvang daalde in de eerste zes maanden na de val van Assad slechts met enkele tientallen, tot ruim 28.000 mensen. In totaal verblijven naar schatting ongeveer 150.000 Syriërs in Nederland sinds het begin van de oorlog.
Waarom Syriërs uit Nederland blijven
Een belangrijk verschil is beleid: buurlanden en Turkije stimuleren terugkeer actief, ook omdat de politieke en sociale druk om vluchtelingen te laten vertrekken sterk is toegenomen. Europese landen, waaronder Nederland en Duitsland, stellen daarentegen dat de veiligheidssituatie in Syrië nog te onzeker is en voeren grootschalige herbeoordelingen van verblijfsstatussen slechts aarzelend of helemaal niet uit. De Nederlandse asielminister wees onlangs een voorstel af om Syriërs tijdelijk naar hun thuisland te laten terugkeren zonder hun verblijfsstatus te verliezen, onder verwijzing naar de slechte economische en humanitaire situatie.
Waarom dit ertoe doet voor Nederland
Voor Nederland raakt deze terugkeergolf aan meerdere gevoelige dossiers: de druk op opvang en woningmarkt, de geloofwaardigheid van het idee dat asielbescherming “tijdelijk” is, en het integratiedebat. Zolang Syriërs hier niet of nauwelijks terugkeren, schuift de politiek onvermijdelijk richting twee keuzes: vol inzetten op langdurige integratie en naturalisatie, of – naar Duits voorbeeld – toch een regime van systematische herbeoordeling en (gedeeltelijke) terugkeer opbouwen zodra Syrië als “voldoende veilig” wordt aangemerkt. In die spanning tussen tijdelijke opvang en feitelijke vestiging zal de Nederlandse politiek zich de komende jaren niet meer kunnen verschuilen.