Paranormale activiteiten: 58 aangiften van grafschennis begraafplaats Amersfoort

Samenleving
97812760_m
In de zaak tegen vier vrouwen die verdacht worden van het plegen van grafschennis op begraafplaats Rusthof in Amersfoort, hebben 58 mensen aangifte gedaan. Het strafproces begon woensdag onder grote belangstelling van nabestaanden in de rechtbank in Utrecht.
De verdachten uit Hoevelaken, Ter Aar, Waalwijk en Rotterdam zouden in september 2021 hebben deelgenomen aan een paranormale sessie op de begraafplaats en een actieve rol hebben gehad. Slechts een van de verdachten, de 81-jarige Irene B. uit Hoevelaken, woont de strafzaak bij.
Nabestaanden deden aangifte nadat zij op de begraafplaats een camera hadden gevonden. Daarop stonden beelden van de seance.
De strafzaak is gebaseerd op video's die de verdachten maakten en appjes die ze naar elkaar stuurden in de groep met de naam Onderzoeksgroep Rusthof. De verdachten hadden voor de paranormale sessie gekleurde lichtjes in de vorm van balletjes op kindergraven gezet waarmee ze in hun ervaring met de overledenen konden communiceren. Ze vroegen de overledenen steeds te antwoorden door de lichtjes te bedienen. Een vraag was bijvoorbeeld: 'Hield je van voetbal? Zou je het lampje kunnen laten branden?'
Een van de moeders van de overleden kinderen las in de rechtbank een slachtofferverklaring voor. Ze vertelde dat haar vertrouwen in de begraafplaats is geschonden. "We leven niet alleen met het gemis, maar ook met vragen over wat er precies is gebeurd. Wat is er gezegd en wat is er aangeraakt? Waarom is het gedaan op een plek waar kinderen liggen? We hebben ons kind daar achtergelaten, omdat we dachten dat het daar veilig was", zei ze.
De vrouw vraagt om een symbolische schadevergoeding van 1 euro. "Onze werkelijke schade is onbetaalbaar en onherstelbaar", zei ze. "Het raakt ons, onze familie en onze vrienden elke dag."
"De verdachten zijn paranormaal onderzoek gaan doen, uitsluitend ter bevrediging van hun eigen nieuwsgierigheid", aldus de officier van justitie bij aanvang van zijn betoog. De strafzaak is volgens hem uniek, omdat de rechtbank het antwoord dient te formuleren op de vraag of paranormaal onderzoek een vorm van grafschennis is.
loading

Loading