Samenwonend en overlijd je vóór je pensioen? Bij sommige fondsen krijgt je partner dan bijna niets
Samenleving
Je woont al jaren samen en deelt de vaste lasten. Je gaat ervan uit dat je partner na je overlijden iets van je pensioen krijgt. Dat klopt lang niet altijd. Heb je je partner niet zelf aangemeld, dan keert je fonds vaak niets uit. Ook wie van baan wisselt of na de AOW-leeftijd een nieuwe partner krijgt, kan zijn nabestaanden met lege handen achterlaten.
De Autoriteit Financiële Markten (AFM) vindt dat pensioenuitvoerders mensen daar te slecht over informeren. In een rapport dat maandag verscheen, schrijft de toezichthouder dat nabestaanden te vaak onbewust niet gedekt zijn, meldde persbureau ANP. Volgens de AFM zijn nabestaanden extra kwetsbaar: "Naast het verlies van hun dierbare, verliezen nabestaanden mogelijk ook een deel van hun inkomen."
Het verschil per fonds is groot
In het nieuwe pensioenstelsel is het partnerpensioen bij overlijden vóór je pensioendatum een risicoverzekering. Er wordt dus niets meer voor opgebouwd. De uitkering is maximaal 50 procent van het pensioengevend salaris. Volgens de AFM kan het percentage per uitvoerder sterk verschillen: het kan ook (bijna) 0 procent zijn.
Twee voorbeelden. Bij ABP krijgt je partner in de nieuwe regeling 41 procent van je pensioengevend inkomen, en een kind tot 25 jaar 7 procent wezenpensioen. Bij PME is dat levenslang 20 procent van het pensioengevend salaris in de basisregeling. Daar komt een tijdelijke uitkering van 5.000 euro bruto per jaar bij (bedrag 2027), tot je partner AOW krijgt.
Bij het ene fonds krijgt je partner dus een flink deel van je salaris, bij het andere bijna niets.
1. Je woont samen, maar je partner is niet aangemeld
Trouw je of ga je in Nederland een geregistreerd partnerschap aan, dan geeft de gemeente dat door aan je pensioenfonds. Je partner is dan automatisch verzekerd. Bij samenwonen gaat dat niet vanzelf: je moet je partner zelf aanmelden.
De voorwaarden verschillen per fonds. ABP vraagt nu nog om een samenlevingscontract dat vóór je AOW-leeftijd is opgesteld en door een notaris is ondertekend. Het contract moet in het Nederlands of Engels zijn, en erin moet staan dat jullie in elkaars levensonderhoud voorzien. Via MijnABP kun je je partner tot 10 december 2026 aanmelden. Vanaf 1 januari 2027 kan dat bij ABP ook zonder samenlevingscontract. Bij het Metro Pensioenfonds is een notarieel contract plus een half jaar op hetzelfde adres genoeg, maar vijf jaar samen ingeschreven staan kan ook.
2. Je krijgt een nieuwe partner na je AOW-leeftijd
Bij ABP heeft een partner geen recht op partnerpensioen als de relatie begint op of na je AOW-leeftijd. Hetzelfde geldt als je je partner pas na je AOW-leeftijd aanmeldt. Ga je eerder met pensioen en trouw je daarna, maar nog vóór je AOW-leeftijd? Dan kan je partner volgens ABP mogelijk wel partnerpensioen krijgen.
Andere fondsen kijken vaak naar je pensioendatum in plaats van je AOW-leeftijd. Bij Pensioenfonds TNO heeft een partner geen recht op partnerpensioen als je pas na je pensioendatum gaat samenwonen of trouwt. Ook PMT schrijft dat een nieuwe partner dan meestal geen recht meer heeft.
3. Je gaat uit dienst of stopt eerder
Een risicodekking stopt als je niet meer deelneemt aan de pensioenregeling. Na je vertrek loopt de dekking volgens de AFM standaard nog drie of zes maanden door. Begin je in die periode bij een nieuwe werkgever, dan stopt die verlenging meteen. Dat gebeurt ook als je nieuwe regeling geen nabestaandenpensioen heeft.
Bij ABP is dat na drie maanden. Lees daarover ons eerdere stuk: Stop je vanaf 2027 bij de overheid of in het onderwijs zonder nieuwe baan? Na drie maanden krijgt je partner standaard geen nieuw partnerpensioen meer. Bij PME loopt de verzekering nog maximaal zes maanden door. Het partnerpensioen dat je vóór de overstap had opgebouwd, blijft wel staan. Bij PMT kun je de dekking zelf voortzetten als je na zes maanden nog geen nieuwe baan hebt. Je betaalt dan zelf de premie en moet het zelf aanvragen. Volgens de AFM is ook je pensionering of het uitstellen van je pensioen een moment waarop je dekking kan veranderen.
4. Je overlijdt vlak voor of na de overstap
ABP en PME stappen op 1 januari 2027 over op het nieuwe stelsel. Volgens de AFM maakt het veel uit of iemand kort vóór of kort ná zo'n overstap overlijdt. Overlijd je ervoor, dan krijgt je partner alleen wat je hebt opgebouwd. Overlijd je erna, dan krijgt je partner dat opgebouwde deel plus een uitkering uit de nieuwe risicodekking.
De AFM waarschuwt ook dat fondsen veranderingen zoals een uitdiensttreding rond de overstap een tijd niet verwerken. Ga je rond de jaarwisseling weg bij je werkgever, kijk dan extra goed wat er voor je partner is geregeld.
Wat je nu kunt doen
- Ga naar mijnpensioenoverzicht.nl. Daar zie je per fonds of er partner- en wezenpensioen is geregeld en hoeveel.
- Woon je samen, controleer dan of je partner echt is aangemeld. Bij ABP kan dat tot 10 december via MijnABP.
- Bouwt je partner zelf pensioen op? Laat hem of haar jou dan ook aanmelden bij het eigen fonds.
- Ga je uit dienst zonder nieuwe baan? Vraag vóór het einde van de uitloopperiode of je de dekking vrijwillig kunt voortzetten.
- Krijgt je partner nog geen AOW? Bij PME kun je een tijdelijk extra partnerpensioen verzekeren voor de periode tot je partner AOW krijgt.
De AFM wil dat fondsen je hier op tijd zelf over informeren. Tot dat gebeurt, ben je zelf degene die moet controleren wat er voor je partner geregeld is.
POPULAIR NIEUWS

Verwarming uit in de slaapkamer? Onder 15 graden loop je meer risico op schimmel

Is bruine rijst écht gezonder? Het antwoord is minder simpel dan je denkt

Plaque in je slagaders verdwijnt niet, maar kan wel stabieler worden: zo verklein je de kans op een hartinfarct

Onderzoekers: eet van de kiwi ook de schil. Maar was hem wel goed

In Amerika het dubbele verdienen? Bij deze drie beroepen verschilt het loon flink
