Koemelk, haver, amandel of zelfs rauw: de zuivelkoelkast is in een paar jaar tijd veranderd in een ideologisch slagveld, met gezondheidsclaims als munitie. Maar de vraag
“wat is de gezondste melk?” is nog steeds de verkeerde vraag.
Wat zit er eigenlijk in je glas?
Voedingskundig is gewone, gepasteuriseerde volle
koemelk nog steeds de referentie: ongeveer 150 kilocalorieën, 8 gram eiwit, 8 gram vet en 12 gram natuurlijke melksuikers per glas van 240 milliliter, plus zo’n 300 milligram calcium. De magere variant levert evenveel eiwit en calcium, maar 90 kilocalorieën en geen vet, wat haar interessant maakt voor wie op calorieën let.
Rauwe melk wordt door fans geprezen als “puurder” en “rijker aan enzymen”, maar voedingskundig verschilt ze nauwelijks van gepasteuriseerde melk, terwijl gezondheidsdiensten waarschuwen voor bacteriële besmetting met onder meer E. coli en listeria. De gezondheidswinst is dus vooral mythe, het infectierisico heel concreet.
Plantaardige varianten zijn geen melk maar eerder drankjes met een totaal ander profiel. Haverdrink bevat per glas zo’n 90 kilocalorieën, 3 gram suiker, slechts 2 gram eiwit, maar wordt vaak opgepept met 350 milligram calcium. Ongezoete amandeldrink telt rond de 30 kilocalorieën, 3 gram vet, vrijwel geen suiker en 1 gram eiwit; kokosdrink zit rond de 40 kilocalorieën, 4 gram vet, maar nauwelijks calcium en nul gram eiwit, tenzij verrijkt.
De echte gezondheidsvraag
De gezondste keuze hangt dus minder af van het etiket “melk” dan van jouw doel: eiwit en botgezondheid, gewichtsbeheersing, lactose-intolerantie, klimaat of dierenwelzijn. Wie volwaardige eiwitten en calcium wil, komt nog altijd uit bij koemelk (of een verrijkte soja- of haverdrink); wie vooral minder calorieën of dierlijke producten wil, heeft meer aan ongezoete plantaardige varianten, mits aangevuld met andere eiwitbronnen.
Misschien is dat de belangrijkste les uit de overvolle koelvitrine: er bestaat geen moreel superieure melk, alleen drankjes die beter of slechter passen in je totale voedingspatroon – en in de marketing van de fabrikant.
| Dranksoort | Hoofdingrediënten | Typische toevoegingen | Kenmerkend verschil |
| Volle koemelk | Koemelk (water, lactose, melkvét, melkeiwit) | Soms vitamine D/A (verrijkt) | Natuurlijke dierlijke melk, geen receptuur |
| Halfvolle/magere koemelk | Koemelk (met minder vet) | Soms vitamine D/A (verrijkt) | Zelfde basis als vol, alleen vetgehalte aangepast |
| Geiten-/schapenmelk | Melk van geit of schaap (water, vet, eiwit, lactose) | Soms vitamine D/A | Zelfde basiscomponenten, iets andere vet- en eiwitsamenstelling |
| Sojadrink | Water, sojabonen | Plantaardige olie, calciumzouten, vitamines B/D, soms suiker | Hoog eiwit, vaak verrijkt met calcium en vitamines |
| Haverdrink | Water, haver (vlokken/meel) | Plantaardige olie, stabilisator, zout, soms suiker of zoetstof, calcium en vitamines | Granendrank, redelijk koolhydraatrijk, matig eiwit |
| Amandeldrink | Water, kleine fractie amandelen (vaak 1–3%) | Suiker of zoetstof, plantaardige olie, emulgator/lecithine, calciumzout, vitamines | Weinig amandel, vooral water; vaak sterk verrijkt |
| Kokosdrink | Water, kleine fractie kokosmelk/-room | Suiker, stabilisator, emulgator, soms calcium en vitamines | Relatief vet, weinig eiwit, vaak smaakgedreven |
| Rijstdrink | Water, rijst | Plantaardige olie, stabilisator, vaak calcium en vitamines, soms suiker | Veel koolhydraten, nauwelijks eiwit, van nature zoet |