Het laatste atje voor de sfeer is nog maar net getrokken, carnaval is nog maar net uitgedoofd of de sfeer slaat om. Glitter maakt plaats voor ingetogenheid, polonaises voor stilte. Vandaag is het Aswoensdag: voor miljoenen christenen wereldwijd het startschot van de veertigdagentijd richting Pasen.
In kerken worden gelovigen naar voren geroepen voor een zichtbaar teken van vergankelijkheid. Met as, vaak afkomstig van verbrande palmtakken van Palmzondag vorig jaar, tekent de priester een kruisje op het voorhoofd. Daarbij klinkt een confronterende boodschap: “Gedenk, mens, dat je stof bent en tot stof zult wederkeren.”
Moderne variant
Aswoensdag markeert het begin van de vastentijd, een periode van veertig dagen (zondagen niet meegerekend) van bezinning, inkeer en soms ook onthouding. Traditioneel gaat het om minder eten, geen vlees of het laten staan van luxe. Tegenwoordig kiezen veel mensen voor een moderne variant: geen alcohol, minder sociale media of bewuster leven.
De dag valt altijd op een woensdag, precies 46 dagen vóór Pasen. De veertigdagentijd verwijst naar de veertig dagen die Jezus volgens de Bijbel vastte in de woestijn. Het is een periode die draait om reflectie: wat kan anders, wat moet beter, waar sta ik eigenlijk?
Reset
Opvallend is dat Aswoensdag ook buiten de
kerk betekenis krijgt. Het idee van een reset spreekt aan. Na weken van donkere winterdagen en – in het zuiden – uitbundig carnaval, voelt deze woensdag als een kantelpunt. Even pas op de plaats.
In delen van Nederland, vooral onder de rivieren, is het contrast extra groot. Waar gisteren nog verkleed werd gefeest, staan mensen vandaag weer in de rij voor een kruisje van as. Van uitbundigheid naar ernst in 24 uur.
Aswoensdag is daarmee meer dan een religieus ritueel. Het is een reminder. Over vergankelijkheid, ja. Maar ook over nieuwe kansen. Want na veertig dagen volgt Pasen en dus hoop.