Waarom dreigt stagflatie van de wereldeconomie door oorlog in Midden-Oosten?

Economie
maandag, 09 maart 2026 om 15:20
ANP-552427219
De olieprijs is maandag opnieuw flink gestegen, met directe gevolgen voor de wereldwijde financiële markten. Beleggers reageerden nerveus op de oplopende spanningen rond de oorlog tussen de Verenigde Staten en Israël aan de ene kant en Iran aan de andere, waardoor aandelenbeurzen in Azië scherp daalden. Economen vrezen dat de situatie kan uitmonden in een wereldwijde economische schok.
De belangrijkste olieprijzen zijn inmiddels boven de 115 dollar per vat uitgekomen. Daarmee ligt de prijs voor het eerst sinds de Russische invasie van Oekraïne in 2022 weer ruim boven de grens van 100 dollar. De Amerikaanse benchmark West Texas Intermediate (WTI) is zelfs bijna verdubbeld ten opzichte van januari, toen een vat nog rond de 60 dollar kostte.

Cruciale olieroute deels dicht

Een belangrijke reden voor de prijsstijging is dat Iran in feite de Straat van Hormuz heeft afgesloten. Door deze smalle zeestraat tussen Iran en Oman wordt normaal gesproken ongeveer een vijfde van alle wereldwijd verhandelde olie en een groot deel van het vloeibare aardgas vervoerd. Zodra die route wordt verstoord, voelen energiemarkten dat vrijwel onmiddellijk.
Daarnaast hebben verschillende landen in het Midden-Oosten de productie tijdelijk teruggeschroefd, waardoor de vrees voor een tekort aan olie verder is toegenomen. Volgens economen kan dit een van de snelste stijgingen van energiekosten ooit betekenen voor de wereldeconomie.
Niet alleen olie wordt duurder. Ook gas en kunstmest zijn in korte tijd flink in prijs gestegen, wat het risico vergroot dat energie wereldwijd veel duurder wordt. Dat werkt door in vrijwel alle sectoren van de economie.

Inflatie opnieuw onder druk

Een langdurig hoge olieprijs kan wereldwijd opnieuw voor hogere inflatie zorgen. Brandstofprijzen zijn vaak een van de eerste plekken waar consumenten dat merken. In de Verenigde Staten steeg de benzineprijs in één week al met ongeveer 50 cent per gallon (3,8 liter).
Hogere brandstofkosten werken vervolgens door in vrijwel alle producten: van voedsel en transport tot meubels en andere consumentengoederen. Economische onderzoeksbureaus verwachten dat ook in Europa de inflatie kan oplopen als de energieprijzen hoog blijven.

Dreiging van stagflatie

Economen waarschuwen daarnaast voor het risico van stagflatie: een situatie waarin de economie nauwelijks groeit, terwijl prijzen blijven stijgen. Hogere energieprijzen drukken namelijk op economische activiteit en vergroten tegelijkertijd de inflatiedruk.
Volgens verschillende ramingen kan de wereldeconomie hierdoor trager groeien dan eerder verwacht. Als de olieprijs langdurig boven de 100 dollar per vat blijft, kan dat volgens experts zelfs leiden tot een periode van zwakke groei en hardnekkige inflatie, een scenario dat doet denken aan de oliecrises van de jaren zeventig.

Rentes mogelijk langer hoog

De stijgende inflatie kan ook gevolgen hebben voor de rente. Centrale banken die eerder juist renteverlagingen overwogen, zouden die plannen kunnen uitstellen. Sommige economen verwachten zelfs dat renteverhogingen weer sneller op tafel komen als de energieprijzen blijven oplopen.
Hoe ernstig de economische gevolgen uiteindelijk worden, hangt vooral af van de duur van het conflict. Als de spanningen snel afnemen, kunnen olieprijzen stabiliseren. Maar als de verstoringen weken of zelfs maanden aanhouden, vrezen analisten dat de wereldeconomie opnieuw een zware klap krijgt.
loading

Loading