Van de Amerikaanse 50-plussers met
ADHD kreeg 6,7 procent in de jaren
daarna de diagnose
dementie of een milde vorm van geheugenverlies. Bij
mensen zonder ADHD was dat 3,4 procent. Dat blijkt uit onderzoek van de
University of Pittsburgh onder 187.341 volwassenen, dat op 7 oktober
verscheen in het vakblad JAMA Psychiatry. Internationale media
meldden een vier keer zo grote kans, maar een extra analyse van de
onderzoekers zelf laat dat getal flink slinken.
Wat de onderzoekers vonden
De onderzoekers gebruikten de medische dossiers en het DNA van
deelnemers aan All of Us, een groot Amerikaans gezondheidsonderzoek. De
deelnemers waren gemiddeld 56 jaar en werden gemiddeld ruim tien jaar
gevolgd. Van hen hadden er 3.026 een ADHD-diagnose, 1,6 procent.
De meeste diagnoses waren een milde cognitieve stoornis, oftewel MCI:
geheugen- of denkproblemen die groter zijn dan je op jouw leeftijd zou
verwachten. Na correctie voor onder meer leeftijd, geslacht en hart- en
vaatziekten lag het risico bij mensen met ADHD 4,6 keer zo hoog.
Ook het DNA wees die kant op. Mensen met de meeste genetische aanleg
voor ADHD kregen 35 procent vaker geheugenproblemen of dementie dan
mensen met de minste aanleg, ook als ze nooit een ADHD-diagnose kregen.
“Dit bewijst niet dat ADHD dementie veroorzaakt,” zegt hoofdonderzoeker
Tharick Pascoal, psychiater en neuroloog in Pittsburgh. “Twee
verschillende soorten bewijs wijzen dezelfde kant op.”
Waarom ‘vier keer zo
groot’ te veel zegt
De onderzoekers keken ook wat er gebeurt als er jaren zitten tussen
de ADHD-diagnose en de diagnose geheugenproblemen. Bij minstens acht
jaar ertussen zakte het verhoogde risico van 4,6 keer naar 1,44 keer.
Bij negen jaar was het verschil niet meer statistisch zeker.
“De studie is goed en het verband erin is echt,” schrijft de
Amerikaanse psychiater Ryan Sultán van Columbia University op Psychology
Today. Toch noemt hij de daling de nuttigste uitkomst van het onderzoek.
Veel deelnemers kregen hun ADHD-diagnose pas rond hun vijftigste, vaak
nadat ze hulp zochten voor concentratieproblemen. Begon hun geheugen
toen al achteruit te gaan, dan leidde die achteruitgang mogelijk tot de
ADHD-diagnose. Bovendien kan de gewone verstrooidheid van iemand met
ADHD in een geheugentest op achteruitgang lijken.
“Dit bewijst niet dat ADHD dementie veroorzaakt”
Ook in Nederland vaak laat
ontdekt
Naar schatting 2,8 procent van de 65-plussers heeft ADHD, meldde MAX
Meldpunt in april. Toch stellen artsen de diagnose bij ouderen weinig.
Klachten worden vaak toegeschreven aan ouderdom of zelfs beginnende
dementie. Uit een peiling onder ruim 8.000 mensen bleek dat veel
60-plussers ADHD-kenmerken bij zichzelf herkennen zonder ooit een
diagnose te hebben gekregen.
Psychiater Sandra Kooij, tot februari bijzonder hoogleraar ADHD bij
volwassenen bij Amsterdam UMC, noemde in haar afscheidsrede dementie in
een rij lichamelijke aandoeningen die vaker voorkomen bij mensen met
ADHD, naast hart- en vaatziekten en diabetes. Ze ziet ADHD steeds meer
als een aandoening die het hele lichaam raakt.
De
risicofactoren liggen voor een deel in je eigen hand
Zelf denken de Amerikaanse onderzoekers dat ADHD vooral via de
leefstijl doorwerkt: meer stress, slechter slapen, minder bewegen,
ongezonder eten en vaker roken of drinken. In 2024 zette de medische
Lancet-commissie veertien risicofactoren voor dementie op een rij. Als
je ze allemaal wegneemt, voorkom je volgens de commissie tot 45 procent
van de dementie wereldwijd voorkomen. Tien daarvan komen vaker voor bij
mensen met ADHD, schrijft Sultán:
- roken en te veel alcohol;
- te weinig bewegen en overgewicht;
- hoge bloeddruk en diabetes;
- depressie en eenzaamheid;
- hersenletsel, bijvoorbeeld na een ongeluk;
- minder opleiding.
Dat past bij eerder onderzoek waarover WEL schreef: ook
de
kortere levensduur van mensen met ADHD hangt samen met factoren waar
je iets aan kunt doen.
“De studie is goed en het verband erin is echt”
Wat je nu kunt doen
Sultán zet op een rij wat je als 50-plusser met ADHD zelf kunt
doen:
- Laat je ADHD behandelen. Of dat de kans op dementie
verkleint, is niet onderzocht. De onderzoekers noemen het zelf een
belangrijke open vraag. Wel verlaagt behandeling de kans op ongelukken
en verwondingen, zegt Sultán.
- Laat bloeddruk, cholesterol en bloedsuiker
meten.
- Stop met roken en drink ruim onder de norm.
- Laat je gehoor en ogen nakijken. Onbehandeld
gehoor- en zichtverlies staan ook op de lijst van de
Lancet-commissie.
- Snurk je en ben je overdag moe? Vraag de huisarts
naar slaapapneu, ademstops tijdens je slaap. Dat lijkt op ADHD en wordt
er vaak mee verward.
- Vergelijk jezelf met jezelf. “Waar het om gaat, is
verandering ten opzichte van je eigen uitgangspunt,” zegt Sultán. Een
standaard geheugentest gaat uit van een gemiddelde aandacht en ziet
ADHD-trekjes dan snel als achteruitgang.
Let op
de
signalen van dementie en ga naar de huisarts als je geheugen
achteruitgaat. Depressie, slaapapneu, alcohol, een te traag werkende
schildklier en bijwerkingen van medicijnen kunnen volgens Sultán op
beginnende dementie lijken. Die zijn te behandelen.
Meer weten?