De
hitte van eind juni is allang voorbij, maar in de sterftecijfers is de zomer nog volop aanwezig. Drie weken op rij overleden in Nederland fors meer mensen dan gebruikelijk voor de tijd van het jaar. Bij elkaar gaat het om naar schatting 1.323 extra sterfgevallen, blijkt uit
cijfers van het RIVM. Het instituut spreekt van een "na-ijleffect": de tol van een
hittegolf loopt door tot ver nadat het thermometerkwik weer is gedaald.
De weken op een rij
De hittepiek viel eind juni. In de week van 22 tot en met 28 juni stierven 586 mensen meer dan statistisch verwacht. In de week daarna, 29 juni tot 5 juli, kwamen er ondanks koeler weer nog 325 extra sterfgevallen bij,
meldt Zorgvisie op basis van het RIVM. En ook in de derde week, 6 tot en met 12 juli, bleef het cijfer verhoogd: 3.416 overlijdens, 412 boven het gemiddelde,
schrijft NRC. "Ook in de week na de recente hittegolf zien we dus een sterke verhoging van de sterfte", aldus het RIVM. Waar mensen precies aan zijn overleden is niet bekend, "maar dat de hitte hierin een rol speelt is zeer aannemelijk".
Waarom hitte pas later toeslaat
Anders dan een griepgolf, die zich langzaam opbouwt, geeft hitte een korte maar heftige klap. De piek in sterfte valt vaak samen met de warmste dagen zelf, maar bij ernstige hittegolven blijft er nog wekenlang een verhoogd niveau, legt onderzoeker Torsten Kleinow uit in
NRC. Kwetsbare mensen wier gezondheid door de hitte al is aangetast, overlijden soms pas dagen of weken later aan de gevolgen. "Dat wijst erop dat mensen al zo kwetsbaar waren, dat bij een aantal van hen het leven met een week of wat is bekort door de hitte", zegt hij. "Matige hittegolven geven vaker een direct oogsteffect. Ernstige hittegolven hebben een langere nawerking. De hittegolf eind juni was heel ernstig."
Doorgaans laten koelere weken ná een hittegolf een dip zien: mensen die anders in die dagen zouden zijn overleden, waren er al niet meer. Dat "oogsteffect" is nu in Nederland nog niet zichtbaar, wat de omvang van deze hitteperiode onderstreept.
Wie loopt het grootste risico
De extra doden vallen niet gelijk verdeeld. Volgens het RIVM overleden er vooral meer 80-plussers, en de klap kwam het hardst aan in de zuidelijke en oostelijke provincies, waar het kwik het hoogst opliep. Vooral mensen met hart- en vaataandoeningen zijn kwetsbaar op tropische dagen.
Voor Amsterdam ligt de "veilige" gemiddelde dagtemperatuur volgens Kleinow rond 17 à 18 graden. "Zelfs 28 graden" is nog geen probleem, zegt hij. "De risico's nemen echt toe boven de 30 graden, en zeker boven de 35 graden zoals in Amsterdam werd gemeten bij de laatste hittegolf." Dat is precies het domein waarin Nederland eind juni terechtkwam.
Nederland versus de buren
De Nederlandse oversterfte was fors, maar niet uitzonderlijk hoog in Europees perspectief. In dezelfde twee weken lag ze onder de 20 procent, terwijl België rond de 50 procent extra doden noteerde. Zuid-Frankrijk en Spanje zijn nog gevoeliger voor temperatuurextremen, blijkt uit onderzoek van Kleinow en collega Jens Robben naar 550 regio's in 20 Europese landen. Nederland lijkt qua klimaatgevoeligheid het meest op Noord-Frankrijk.
Wat betekent dit voor de komende weken
Het
Nationaal Hitteplan is sinds 17 juli weer overal ingetrokken, maar meteorologen houden rekening met een
nieuwe warme periode eind juli. Bij een zuidelijke stroming kan de temperatuur opnieuw hard oplopen, met vooral risico's in de zuidelijke en oostelijke provincies. Voor huisartsen, thuiszorg en mantelzorgers betekent dat waakzaamheid, ook nog dagen nadat de warmte is weggetrokken.
De boodschap van het RIVM is nuchter maar duidelijk: een hittegolf eindigt niet met de eerste bui. Wie ouderen of chronisch zieken in de familie heeft, doet er verstandig aan de komende dagen nog eens goed te informeren hoe het gaat, ook nu de thermometer is gezakt. Drink genoeg, houd het huis koel, en negeer signalen als duizeligheid, verwardheid of extreme vermoeidheid niet. De statistieken laten zien wat er gebeurt als dat wél gebeurt.