Olie boven de $100: de koopkrachtcijfers voor 2027 zijn nu al achterhaald

Samenleving
woensdag, 09 september 2026 om 20:48
koopkracht beter voor meeste huishoudens maar niet voor iedereen1706162938
Een vat Brentolie kostte vanochtend meer dan 102 dollar, bijna 60 procent meer dan begin dit jaar. De koopkrachtcijfers voor 2027 die de basis vormen voor alle Prinsjesdag-doorrekeningen, ook die van ons, leunen op een olieprijs die inmiddels fors is achterhaald.

Wat het CPB aannam

Het Centraal Planbureau publiceerde op 14 augustus de concept-Macro Economische Verkenning 2027, traditiegetrouw het uitgangspunt voor de begrotingsonderhandelingen. Centraal daarin: een mediane koopkrachtdaling van 0,3 procent, een CPI-inflatie van 2,8 procent en een geharmoniseerde inflatie (HICP) van 2,6 procent voor 2027.
Het CPB waarschuwde zelf dat de ontwikkeling van de energieprijzen 'hoogst onzeker' blijft. Sindsdien is die onzekerheid in één richting opgelost: omhoog. Brent steeg de afgelopen maand ruim 11 procent, volgens Trading Economics, gedreven door aanvallen op Saudische olie-installaties, hernieuwde gevechten tussen de VS en Iran en onrust rond de Straat van Hormuz. Vanochtend doorbrak de prijs de grens van 100 dollar per vat, voor het eerst sinds juli.

Rabobank raamt fors hoger

De Rabobank verhoogde vorige week in haar Q3-inflatiemonitor de verwachte inflatie (HICP) voor 2027 naar 3,4 procent. Het CPB raamt 2,6 procent. Een verschil van 0,8 procentpunt dat rechtstreeks in de portemonnee landt.
Ter vergelijking: in januari verwachtte de Rabobank nog 2,0 procent inflatie voor 2027. In acht maanden is die verwachting bijna verdubbeld. De diensteninflatie alleen al raamt de bank voor 2027 op 4,6 procent.
In haar voorjaarsmonitor, toen de verwachte inflatie op 3,3 procent stond, berekende de Rabobank een koopkrachtdaling van 0,5 procent voor 2027. Dat was vóór het kabinet op 31 augustus 1,5 miljard voor koopkrachtreparatie reserveerde, maar ook vóór olie de 100 dollar aantikte.
In januari: 2,0 procent. In september: 3,4 procent. De Rabobank heeft haar inflatieraming voor 2027 in acht maanden bijna verdubbeld.

Van de pomp naar de supermarkt

De benzineprijs steeg maandag naar €2,71 per liter, meldde de NOS. Dat is het directe gevolg van de hogere olieprijs. Maar de klap komt in golven: eerst de pomp, dan de energierekening, vervolgens de transportkosten voor fabrikanten en supermarkten, en uiteindelijk de boodschappen. De Rabobank waarschuwt dat hogere energie-, transport- en loonkosten in 2027 tot oplopende prijsdruk bij voedsel leiden.
Boven die cascade hangt nog een extra dreiging: de tijdelijke accijnsverlaging van 17 cent per liter loopt volgens de Rijksoverheid op 31 december af. Als die niet wordt verlengd en de olieprijs op dit niveau blijft, is een benzineprijs richting 3 euro per liter geen overdreven scenario, schreef TopGear al in juli.

Die 1,5 miljard is gerekend op de oude cijfers

Het kabinet heeft 1,5 miljard euro gereserveerd voor koopkrachtreparatie, zo bleek begin september uit gelekte Prinsjesdagstukken. Het begrotingsakkoord leunt op de CPB-augustusraming als vertrekpunt. Sindsdien is de olieprijs fors verder gestegen en raamt de Rabobank de inflatie 0,8 procentpunt hoger dan het CPB. Die reparatie is berekend op een gat dat inmiddels groter is geworden.

Wat dit betekent voor jouw huishouden

In onze eerdere artikelen over de Prinsjesdag-doorrekeningen rekenden we voor wat de koopkrachtdaling van 0,3 procent concreet betekent per huishoudtype, van tweeverdieners met kinderen tot stellen zonder kinderen en huurders. Die bedragen zijn gebaseerd op het CPB-scenario van augustus. Bij de hogere inflatie die de Rabobank nu voorziet, zijn het geen eindpunten, maar vertrekpunten.
Over zes dagen, op dinsdag 15 september, presenteert het kabinet op Prinsjesdag de begroting voor 2027, met bijbehorende koopkrachtplaatjes. De olieprijs wacht daar niet op.
loading

Loading