Vanaf maandag 4 januari kun je geld terugkrijgen voor je
energierekening, ook als je niet van een minimuminkomen leeft. Het Noodfonds
Energie keert minimaal €120 en maximaal €1.800 per huishouden uit. Doorslaggevend is niet alleen wat je verdient, maar vooral welk deel daarvan naar gas, stroom of warmte gaat.
Het kabinet maakte op 29 september bekend dat je van 4 januari tot en met 7 mei 2027 een aanvraag kunt doen, meldde onder meer
Dagelijkse Standaard. Het nieuws zelf lees je in ons eerdere bericht
Mensen kunnen vanaf januari aanvraag doen bij Noodfonds Energie. In dit stuk rekenen we uit wat het voor jou betekent.
Het belangrijkste verschil met vorig jaar: er geldt geen 'op is op' meer. In april 2025 ging het fonds op 22 april open en al op 29 april weer dicht, omdat er zoveel aanvragen binnenkwamen. Nu krijgt iedereen die recht heeft en op tijd aanvraagt ook echt geld. Het kabinet trekt €193 miljoen uit en rekent op zo'n half miljoen huishoudens. Gemiddeld komt dat neer op ongeveer €360 per huishouden.
Twee grenzen bepalen of je meedoet
Het Noodfonds let op twee dingen: je bruto-inkomen en je energiequote. Die quote is het deel van je bruto-inkomen dat je aan energie uitgeeft. Met een laag inkomen moet dat minstens 8 procent zijn. Met een middeninkomen ligt de lat op 10 procent. De inkomensgrenzen zijn afgeleid van het sociaal minimum: €1.790 bruto per maand voor alleenstaanden en €2.500 voor samenwonenden, inclusief vakantiegeld.
- Alleenstaand met een bruto-inkomen tot €2.327 per maand: je energiekosten moeten minstens 8 procent van je inkomen zijn.
- Alleenstaand met een bruto-inkomen van €2.327 tot €3.580 per maand: de drempel is 10 procent.
- Samenwonend met een bruto-inkomen tot €3.250 per maand: de drempel is 8 procent.
- Samenwonend met een bruto-inkomen van €3.250 tot €5.000 per maand: de drempel is 10 procent.
- Verdien je meer dan 200 procent van het sociaal minimum, dan kom je niet in aanmerking.
Volgens het Noodfonds kan het sociaal minimum bij de opening nog iets hoger uitvallen. De grenzen kunnen dus nog een klein beetje verschuiven. Het fonds rekent met je maandelijkse termijnbedrag, dus het vaste bedrag dat je elke maand aan je leverancier betaalt.
Het maakt niet uit hoe je stookt. Ook huishoudens met blokverwarming en studenten kunnen weer aanvragen, meldt de Rijksoverheid. Hetzelfde geldt voor huishoudens met een aansluiting op een warmtenet en voor wie op propaan of een andere energiebron stookt.
Het fonds betaalt de helft van alles wat je boven de 8 of 10 procent van je bruto-inkomen aan energie kwijt bent.
Vier huishoudens doorgerekend
De alleenstaande met €2.200 bruto. Dit voorbeeld komt van Dagelijkse Standaard. Je verdient €2.200 bruto per maand en betaalt €200 per maand aan energie, per jaar €26.400 en €2.400. Je zit onder de 130-procentgrens, dus de drempel is 8 procent: €2.112 per jaar. Je zit er €288 boven. De helft daarvan krijg je terug: €144.
Het stel met €4.000 bruto. Ook dit voorbeeld komt van Dagelijkse Standaard. Samen verdienen jullie €4.000 bruto per maand en betalen jullie €450 aan energie, per jaar €48.000 en €5.400. Jullie vallen in de middengroep, met een drempel van 10 procent: €4.800. Volgens onze eigen rekensom zitten jullie €600 boven die drempel en krijgen jullie €300 terug.
Het gezin met €3.800 bruto. Dit voorbeeld staat op de site van het Noodfonds zelf. Het gezin verdient samen €3.800 per maand, 152 procent van het sociaal minimum, en betaalt €456 per maand aan energie. Dat is 12 procent van het inkomen. Boven de 10-procentgrens valt €76 per maand. Het fonds verrekent de helft: €38 per maand, of €456 over een heel jaar.
De alleenstaande op een warmtenet. Dit is een rekenvoorbeeld van de redactie. Stel dat je €3.000 bruto per maand verdient en €350 per maand aan warmte en stroom betaalt. Met dat inkomen zit je in de middengroep, dus de drempel is 10 procent: €300 per maand. Je zit er €50 boven. De helft daarvan is €25 per maand, ofwel €300 per jaar.
Het bedrag ontvang je niet op je rekening, maar je energieleverancier verrekent het waar mogelijk in twaalf gelijke termijnen. Kan dat niet, dan maakt de stichting die het fonds uitvoert het in één keer over. Gemiddeld duurt het vier tot zes weken voordat je weet hoeveel je krijgt en de eerste uitbetaling volgt.
Waarom januari gunstiger uitvalt
Het kabinet wilde het fonds eerst in december openen, maar koos toch voor januari. Per 1 januari gaan de nettarieven omhoog en wordt je energierekening duurder. Vraag je in januari aan, dan telt die hogere rekening mee en kan je tegemoetkoming iets hoger uitvallen.
We nemen de hogere energieprijzen van het nieuwe jaar mee om ervoor te zorgen dat mensen geen geld mislopen.
- Minister Hans Vijlbrief (Sociale Zaken en Werkgelegenheid)Het fonds rekent met je termijnbedrag. Stijgt dat voorschot, dan stijgt je energiequote mee. Dat speelt bijvoorbeeld bij klanten met een variabel contract. Lees daarover ook
Variabel contract bij Essent? Vaste tarieven zakken bijna 20 cent per kuub, jij betaalt vanaf donderdag €195 per jaar meer.
Wat je nu kunt doen
- Zoek je laatste jaarafrekening op. Je termijnbedrag en klantnummer staan erop en die heb je nodig bij de aanvraag.
- Reken je energiequote uit: je termijnbedrag keer twaalf, gedeeld door je bruto jaarinkomen. Vergelijk de uitkomst met de grens van 8 of 10 procent.
- Zorg dat iedereen van 23 jaar of ouder in je huishouden een werkende DigiD heeft. Het aanvragen van een DigiD duurt een paar werkdagen. Woont er een volwassen kind van 23 jaar of ouder thuis, dan telt zijn of haar inkomen mee.
- Kun je niet online aanvragen? Dan kan het deze keer voor het eerst ook op papier. Vanaf 1 december kun je bij het Noodfonds vragen hoe dat werkt.
- Zet 4 januari in je agenda, maar haast je niet: je kunt tot en met 7 mei aanvragen en het geld raakt niet op.
Wie er toch buiten valt
Niet iedereen met weinig geld komt in aanmerking. Volgens TNO-onderzoeker Peter Mulder stoken ruim honderdduizend huishoudens met een laag inkomen nauwelijks om geld te besparen. Daardoor halen ze de drempel niet, zei hij tegen de NOS, zoals TPO meldt. Over deze verborgen energiearmoede schreven we al eerder.