Vanaf 2028 krijg je net als een Duitser €1.000 belastingvrij rendement, maar daarboven betaal jij 36% en hij 26%

Samenleving
banken beleggen minder in foute bedrijven1436231768
Spaar of beleg je, dan gaat de Nederlandse belastingregel vanaf 2028 opvallend veel op de Duitse lijken. In beide landen blijft straks de eerste €1.000 rendement per persoon onbelast. Het verschil zit in wat je daarboven betaalt: een Duitser 26,375 procent, jij 36 procent.
Dat staat in de brief over box 3 die het kabinet op 29 september naar de Tweede Kamer stuurde. Volgens Van Lanschot Kempen gaat het heffingsvrije inkomen in de nieuwe box 3 omlaag van €1.800 naar €1.000. Volgens Forvis Mazars wordt de winst op aandelen, obligaties en opties vanaf 2028 pas belast als je verkoopt.
Op 30 september zette De Belegger op een rij hoe Europese landen kleine beleggers belasten. Duitsland zit daar ook bij: 25 procent over kapitaalinkomen, mogelijk aangevuld met solidariteitstoeslag en kerkbelasting, en een Sparer-Pauschbetrag van €1.000 per persoon. Het stuk gaat voor Nederland nog uit van het huidige heffingsvrije vermogen van €59.357. Dat de nieuwe Nederlandse vrijstelling precies even hoog wordt als de Duitse, komt in de vergelijking daarom niet aan bod.

Zo werkt het in Duitsland

In Duitsland houdt de bank de belasting direct in. Dat is de Abgeltungsteuer van 25 procent over rente, dividend en gerealiseerde koerswinst. Daarbovenop komt een solidariteitstoeslag van 5,5 procent over die belasting. Volgens finanz.de kom je zo uit op 26,375 procent. Wie lid is van een kerk, betaalt tot 27,99 procent.
Sinds 2023 is de vrijstelling €1.000 voor alleenstaanden en €2.000 voor gehuwden die samen aangifte doen. Wie in fondsen belegt, kan daarnaast te maken krijgen met de Vorabpauschale, een jaarlijkse heffing vooraf, meldt brutto-netto.de. In de rekenvoorbeelden hieronder laten we die en andere fondsregels voor het gemak buiten beschouwing.
Je krijgt dezelfde vrijstelling, maar betaalt over elke euro daarboven bijna 10 procentpunt meer belasting.

Voorbeeld 1: €60.000 spaargeld tegen 2,5 procent rente

Neem een alleenstaande met €60.000 op de spaarrekening. Bij 2,5 procent rente levert dat €1.500 per jaar op. Voor 2027 rekenen we met het voorlopige forfait voor spaargeld van 1,27 procent dat De Dagelijkse Standaard gebruikt, en met het verlaagde heffingsvrije vermogen van €30.846. Het zijn rekenvoorbeelden van de redactie.
  • Nederland 2027: over €29.154 boven de vrijstelling rekent de fiscus 1,27 procent rendement, belast tegen 36 procent. Dat is ongeveer €133.
  • Nederland 2028: €1.500 rente min €1.000 vrijstelling geeft €500 belastbaar. Tegen 36 procent is dat €180.
  • Duitsland, 2027 en 2028: ook €500 belastbaar, tegen 26,375 procent. Dat is ongeveer €132.
Dat is een opvallende uitkomst. In 2027 betaalt deze spaarder in Nederland ongeveer evenveel als in Duitsland. In 2028 betaalt hij juist meer, terwijl er dan in beide landen een vrijstelling van €1.000 geldt.

Voorbeeld 2: €100.000 in een indexfonds, €8.000 winst bij verkoop

Nu een belegger met €100.000 in een indexfonds die het fonds verkoopt en €8.000 winst maakt. Voor 2027 rekenen we met het hogere forfait voor beleggingen en andere bezittingen. Holdwise noemt 7,87 procent, Van Lanschot Kempen verwacht 7,88 procent. Het verschil is in deze som maar een paar euro.
  • Nederland 2027: over €69.154 boven de vrijstelling betaal je ruim €1.950. Dat geldt elk jaar, of je nu verkoopt of niet.
  • Nederland 2028: je betaalt alleen in het jaar waarin je verkoopt. €8.000 min €1.000 geeft €7.000, tegen 36 procent is dat €2.520.
  • Duitsland: ook €7.000 belastbaar, tegen 26,375 procent. Dat is ongeveer €1.846.
Ook bij een groter rendement blijft het verschil groot. De Belegger rekent voor Duitsland met €10.000 rendement. Na de vrijstelling betaal je daar €2.250 basisheffing, nog zonder toeslagen. Volgens onze eigen berekening zou dat in het Nederlandse stelsel van 2028 €3.240 zijn.

Het belastingmoment wordt Duits, het tarief niet

De grootste verandering voor beleggers is niet het bedrag, maar het moment waarop je betaalt. Nu betaal je in Nederland elk jaar over een verondersteld rendement. Vanaf 2028 betaal je net als in Duitsland pas als je winst echt binnenhaalt. Wie zijn fonds jarenlang vasthoudt, schuift de belasting dus op naar de dag dat hij verkoopt.
Dat geldt nog niet voor alles. Crypto, overige vorderingen en schulden worden in 2028 en 2029 nog belast op de jaarlijkse waardestijging, meldt Forvis Mazars. Pas vanaf 2030 valt al het vermogen onder de vermogenswinstbelasting. Belasting betalen bij verkoop betekent ook dat je moet kunnen aantonen wat je ooit voor je beleggingen hebt betaald. Daarover schreven we eerder in Belegger? Bewaar je aankoopnota's: als je pas bij verkoop belasting betaalt, moet jij straks zelf je winst bewijzen.

Nog geen wet

Het kabinet wil het bestaande wetsvoorstel aanpassen met een novelle. Die moet volgens de NOS-berichtgeving via Burgerplatform vóór 31 december door de Eerste Kamer. De Tweede Kamer bespreekt het plan vandaag en morgen tijdens de Algemene Financiële Beschouwingen. Volgens Vastgoedinsider gaan door de lagere vrijstelling naar schatting 850.000 extra mensen box 3-belasting betalen.

Wat je nu kunt doen

  • Reken je eigen rendement uit: tel je jaarlijkse rente en verwachte verkoopwinst bij elkaar op en vergelijk de som met €1.000 per persoon.
  • Heb je een fiscale partner? Dan heb je volgens het plan elk €1.000 vrijstelling, net als een Duits echtpaar met samen €2.000.
  • Bewaar je aankoopnota's en jaaroverzichten, want vanaf 2028 telt je aankoopprijs mee bij verkoop.
  • Ga niet halsoverkop verkopen of verhuizen: de plannen kunnen in het debat en in de Eerste Kamer nog veranderen.
loading

Loading