Je kijkt op je dashboard en ziet 100 kilometer per uur. Toch rijd je in werkelijkheid vaak iets langzamer. De snelheidsmeter van je auto geeft namelijk bijna nooit precies de snelheid aan en dat is geen foutje.
Waarom is dat, vraagt AD-lezer Jeroen Seijee zich af. Autoredacteur Niek Schenk helpt ons uit de brand.
Vraag: ‘Waarom zijn de snelheidsmeters van vrachtwagens geijkt en die van personenauto’s niet? Als een automobilist 100 aanhoudt, rijdt hij in werkelijkheid maar 93 km/u. Waarom is die marge ingebouwd?’
Auto-expert Niek Schenk van het AD antwoordt: ‘De snelheidsmeter, snelheidsbegrenzer en tachograaf (die de rijtijden vastlegt) in trucks moeten inderdaad regelmatig worden geijkt. Voor het vrachtverkeer gelden nu eenmaal strengere regels, omdat de grote, zware auto’s een extra risico vormen voor de verkeersveiligheid.
Bewuste afwijking
Bij personenauto’s bouwen fabrikanten bewust een afwijking in, maar er is geen wet die voorschrijft dat ze eenmaal in gebruik, regelmatig geijkt moeten worden. Wel mag de snelheidsmeter nooit minder aangeven dan de werkelijke rijsnelheid. Autofabrikanten voorkomen daarmee mogelijke claims van bestuurders die een bekeuring hebben gekregen terwijl ze dachten dat ze zich keurig aan de snelheid hielden. Zij zorgen ervoor dat de teller standaard zo'n 4 tot 8 procent meer aangeeft dan je in werkelijkheid rijdt.
In de richtlijnen van de Europese Unie staat dat de teller tot een maximum van 10 procent van de werkelijke snelheid mag afwijken, plus 4 km/u. Dus het is in het uiterste geval zelfs toegestaan dat de teller 114 km/u aangeeft, terwijl je in werkelijkheid 100 rijdt.
Draaiende wielen
Overigens is de getoonde rijsnelheid gebaseerd op hoe snel de wielen ronddraaien. De computer vermenigvuldigt het aantal omwentelingen met de omtrek van het wiel om de snelheid te berekenen. Als het type wielen of banden en de conditie daarvan wijzigt, kan deze berekening anders uitpakken en ook daarom wordt een ruime marge ingebouwd.
De meting van een gps-systeem, gebaseerd op satellietsignalen, is doorgaans veel betrouwbaarder dan de snelheidsmeter van de auto. Daarom krijg je vaak met de navigatie van Google Maps, Flitsmeister, Waze of TomTom een veel preciezere aanduiding van de rijsnelheid.’