Waarom hebben we geen vacht?

Wetenschap
door Dirk Kruin
zaterdag, 17 januari 2026 om 5:33
bijgewerkt om zaterdag, 17 januari 2026 om 6:11
0x0
Mensen zijn naakt vergeleken met andere primaten, maar dat is geen fout van de natuur: het is een hoogst efficiënte aanpassing aan hitte, lange afstanden en ziekteverwekkers. Door haar te verliezen en extreem veel zweetklieren te ontwikkelen, werden onze voorouders juist beter in overleven op de savanne.
Naakt en zweterig als evolutionair voordeel
Veel biologen zien thermoregulatie als de belangrijkste verklaring voor onze kale huid. Toen vroege mensen niet langer in het bos leefden maar in open, hete savannelandschappen gingen lopen en rennen, dreigde oververhitting een dodelijk probleem te worden. Op een kale huid kan zweet twee tot drie keer zo efficiënt verdampen als op een dikke vacht, waardoor het lichaam sneller afkoelt.
Onderzoekers spreken van een “risky trade‑off”: bescherming tegen kou werd deels ingeruild voor het vermogen om overdag langdurig achter prooi aan te rennen. Een recente review zegt het scherp: zonder verlies van fur had het zweetkoelsysteem dat mensen uniek maakt, nooit op volle kracht kunnen werken.
Meer zweetklieren, minder haar
Anatomisch zijn mensen niet zozeer haarloos, maar hebben ze dunnere, minder zichtbare haren gecombineerd met een explosie aan eccriene zweetklieren. Vergeleken met chimpansees hebben we een vergelijkbare dichtheid aan haarfollikels, maar ongeveer tien keer zoveel zweetklieren en een huid die bijna volledig inzet op zweten als koelmechanisme.
Een onderzoeksteam concludeerde dat bij de voorouders van mensen eerst de haardichtheid afnam en daarna specifiek bij de mens de dichtheid van zweetklieren sterk toenam. Of zoals een dermatologische review samenvat: “verlies van de dikke vacht was een overlevingsimperatief” omdat alleen op kale huid zweet echt zijn werk kan doen.
Minder parasieten, meer seksappeal
Thermoregulatie is waarschijnlijk niet het hele verhaal. Minder lichaamsbeharing betekent ook minder schuilplaatsen voor parasieten zoals luizen en teken, wat in tropische klimaten een enorm gezondheidsvoordeel kan zijn. Daarnaast vermoeden sommige evolutionair biologen dat partnerkeuze een rol speelde: een gladde, gezonde huid werd aantrekkelijk gevonden en zo evolutionair bevoordeeld.
Andere ideeën, zoals de “aquatic ape”-hypothese, dat we kaal werden door een half‑aquatische levenswijze, worden in vakliteratuur grotendeels als niet onderbouwd terzijde geschoven. Wat overblijft is een samenloop van factoren, met koeling en uithoudingsvermogen als kern, en parasieten en seks als meespelende krachten.
loading

Loading