Voor het eerst in drie jaar denderen er weer praalwagens door de straten van Nijmegen, of beter gezegd: Knotsenburg. En dat zorgt voor brede glimlachen langs de route. Na drie edities met een ‘uitstootvrije optocht’ met alleen loopgroepen, mogen de wagens dit jaar weer meedoen aan het carnavalsfeest.
Ook het stadsbestuur doet uitbundig mee. Op het bordes van het stadhuis verscheen het college als smurfen plus Gargamel, aangevoerd door burgemeester Hubert Bruls als Smurfin. Een opvallende verschijning, die op veel bijval kan rekenen. Wanneer hij complimenten krijgt over zijn outfit, antwoordt hij voor de microfoon van Omroep GLD met een hoog stemmetje: "Dank je wel", om daarna lachend toe te voegen: "Dit ga ik niet de hele tijd doen, hoor. Dat houd ik niet vol! Ook Smurfin heeft af en toe last van de baard in de keel."
Blauwe schmink
Onder de blauwe schmink klinkt ook serieuze waardering voor de terugkeer van de wagens. "Carnaval zonder optocht kun je ook best leuk vieren, maar het is toch niet hetzelfde. Een echte optocht geeft altijd een speciale sfeer. Daar leven mensen naartoe en het is net zoals je nieuwe pakje: je wil het ook laten zien als je een wagen mooi hebt gemaakt. Dus dat geeft carnaval nét even dat extra."
Van de 24 groepen die meelopen, hebben vier à vijf een grote wagen gebouwd of gehuurd. Geen vanzelfsprekendheid in een stad waar ruimte schaars is, zegt voorzitter Björn Tieleman van de optochtcommissie. "Het is in de stad een grote uitdaging om ruimte te vinden om aan wagens te bouwen. De groepen zijn erg creatief geweest of hebben wagens gehuurd. Volgend jaar willen we de regio, waar vaak meer ruimte voor wagenbouw is, ook van harte uitnodigen om met de optocht mee te doen."
Genieten langs de kant
Langs de kant klinkt vooral enthousiasme. "Geweldig dat er weer een optocht is", zeggen bezoekers. "Gelukkig wel!" En de toekomst? Bruls ziet kansen: "Je merkt al wel dat behoorlijk wat jeugd het Nijmeegse carnaval weet te ontdekken." Knotsenburg leeft.
Columnist Richard Heuveling van De Gelderlander staat er gekleurd op met de Knotsenburgse smurfin: