Wie in de apotheek of drogist voor het schap met pijnstillers staat, ziet het meteen: een bonte verzameling doosjes met bekende merknamen en goedkopere varianten zonder merk. Toch bevatten ze vaak exact dezelfde werkzame stof. Waarom betaal je dan soms twee of drie keer zoveel?
Neem Paracetamol of Ibuprofen. Of je nu kiest voor een bekend A-merk of een huismerk van de drogist, de werkzame stof en dosering zijn in de basis identiek. Beide moeten voldoen aan strenge Europese eisen voor kwaliteit, veiligheid en werking. “Een generiek middel werkt net zo goed als het merkmedicijn”, is dan ook de consensus onder apothekers.
Het verschil zit vooral in de verpakking en marketing. Merkfabrikanten investeren jarenlang in onderzoek, ontwikkeling en reclame. Zodra het patent op een medicijn verloopt, mogen andere producenten hetzelfde middel maken. Die generieke varianten hoeven die ontwikkelkosten niet meer terug te verdienen en zijn daardoor goedkoper.
Kleine verschillen
Toch zijn er kleine verschillen mogelijk. Zo kunnen hulpstoffen variëren, denk aan bindmiddelen, kleurstoffen of coatings. Voor de meeste mensen maakt dat niets uit, maar wie gevoelig is voor bepaalde stoffen kan verschil merken. Ook kan de tabletvorm of smaak anders zijn, wat invloed heeft op hoe prettig een medicijn in te nemen is.
Maar de verschillen zijn minimaal. Waarom kiezen mensen dan toch vaak voor een merk? Vertrouwen speelt een grote rol. Bekende namen wekken de indruk van hogere kwaliteit, ook al is dat medisch gezien meestal niet terecht. Daarnaast speelt gewoontegedrag mee: wat je kent, voelt veilig.
Maar in de meeste gevallen betaal je bij merkmedicijnen vooral voor de naam en de verpakking. Wie op de prijs wil letten, kan zonder zorgen voor de merkloze variant kiezen.