Sommige mensen denken dat het jojo-effect een smoesje is. Maar het is echt zo dat mensen die veel afvallen, ook weer sneller aankomen. Twee experts leggen in het AD uit hoe dat zit.
Obesitasarts Mariëtte Boon: "Bij obesitas raken de hormonen die honger en verzadiging regelen vaak verstoord. Als je veel afgevallen bent door heel weinig calorieën tot je te nemen, dan raken die hormonen nog verder verstoord.’’ Je voelt je dan eerder hongerig en verbrandt minder. Daardoor kom je dus sneller aan.
Internist-endocrinoloog Liesbeth Van Rossum legt uit: "Iemand die voorheen obesitas had, moet minder eten en veel meer bewegen om op hetzelfde gewicht te blijven dan iemand die hetzelfde weegt en nooit overgewicht heeft gehad.’’
En dan is er ook nog eens het vetweefsel dat tegenwerkt. "Als je te veel vetweefsel hebt, kan dat chronisch licht ontstoken raken”, stelt Boon. "Dat ontregelt de aanmaak van bepaalde hormonen die ons verzadigingsgevoel beïnvloeden.’’ Daarom zitten mensen met obesitas minder snel vol en denken ze veel vaker aan eten. "Een gezond eetpatroon aanhouden, vergt dan extra zelfdiscipline.’’
Volgens de experts is lichaamsbeweging heel belangrijk. "In het algemene beweegadvies voor volwassenen is onder meer 150 minuten matig intensieve beweging per week opgenomen. Iemand die eerst obesitas had en is afgevallen, moet bijna de dubbele hoeveelheid bewegen, 200 tot 300 minuten per week, om op een stabiel gewicht te blijven’’, aldus Boon.