We zeggen het allemaal weleens: “Wat worden die kinderen toch snel groot.” Maar volgens nieuw onderzoek gebeurt er nóg iets opvallends met jongere generaties. Niet alleen groeien ze sneller op, hun lichaam lijkt ook sneller oud te worden.
Voordat je meteen naar de vitaminekast rent: nee, Gen Z loopt straks niet massaal met een rollator door het leven. Toch ontdekten onderzoekers iets wat niet bepaald geruststellend klinkt. Mensen die zijn geboren in de jaren negentig blijken biologisch ouder te zijn dan mensen uit eerdere generaties op precies dezelfde leeftijd.
Biologische leeftijd is iets anders dan het aantal kaarsjes op je verjaardagstaart. Het gaat om hoe ‘oud’ je lichaam daadwerkelijk functioneert, gemeten aan de hand van bloedwaarden zoals ontstekingsmarkers, bloedsuiker en witte bloedcellen.
Voor het onderzoek werden gezondheidsgegevens van ruim 160.000 volwassenen uit het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten bekeken. De conclusie? Mensen uit jongere generaties hadden opvallend vaker een hogere biologische leeftijd dan hun ouders of grootouders op dezelfde leeftijd.
Waarom dat belangrijk is? Omdat die versnelde veroudering mogelijk samenhangt met een trend die artsen wereldwijd zorgen baart: steeds meer jonge mensen krijgen kanker.
DNA-schade
Kanker werd jarenlang gezien als een ziekte die vooral bij het ouder worden hoort. Logisch ook, want hoe langer je leeft, hoe meer schade je DNA oploopt door factoren als voeding, luchtvervuiling, zonlicht en leefstijl. Maar de laatste jaren stijgt het aantal diagnoses onder jongvolwassenen opvallend snel.
De onderzoekers ontdekten dat mensen met een hogere biologische leeftijd meer kans hadden om vóór hun 55e kanker te ontwikkelen. Vooral longkanker, darmkanker en baarmoederkanker kwamen vaker voor. Opvallend genoeg bleef dat verband bestaan, zelfs wanneer factoren zoals roken, overgewicht en erfelijke aanleg werden meegenomen.
Met andere woorden: er lijkt iets groters aan de hand dan alleen onze bekende ongezonde gewoontes.
Wat precies de boosdoener is, weten wetenschappers nog niet. Mogelijk speelt een combinatie van stress, ultrabewerkte voeding, vervuiling, slaaptekort en een steeds meer zittend bestaan een rol. Het moderne leven laat misschien meer sporen achter in ons lichaam dan we beseffen.
Toch zien onderzoekers ook een lichtpuntje. Als artsen vroeg kunnen herkennen wie biologisch sneller veroudert, kunnen zij gerichter controleren, adviseren en mogelijk zelfs kanker voorkomen voordat die ontstaat.
Een geruststellende conclusie is er nog niet. Maar één ding lijkt duidelijk: jong zijn betekent tegenwoordig niet automatisch dat je lichaam zich ook jong gedraagt.