Waarom een dokter die alles weet over alcohol toch niet kan stoppen

gezondheid
vrijdag, 07 augustus 2026 om 13:52
shutterstock_2769444929
Een huisarts in Rhoon mag haar praktijk niet meer in. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd legde haar een last tot onmiddellijke onthouding van beroepsactiviteiten op wegens een langdurig, ernstig drankprobleem; de rechter in Rotterdam veegde haar bezwaar volledig van tafel. Drie jaar lang liep er onderzoek, met vier meldingen, een alcoholspiegel van 3,3 promille op de werkvloer, lege wijnflessen in de praktijkkast en een geannuleerde euthanasie. Een vrouw die precies weet wat alcohol met een lever, een brein en een carrière doet, kreeg het drinken niet gestopt. Dat is geen gebrek aan kennis. Dat is hoe verslaving werkt. En daarom is het een sneu verhaal. Verslaving was sterker dan zij.

Het brein leert drinken sneller dan het afleert

Alcohol prikkelt het beloningssysteem in de middenhersenen en jaagt dopamine vrij. Bij langdurig gebruik past dat systeem zich aan: het aantal dopaminereceptoren daalt, dezelfde hoeveelheid drank levert steeds minder op en er is meer nodig voor hetzelfde effect. Tegelijk gaat de neocortex — het deel dat verlangen en verstand tegen elkaar afweegt — juist slechter functioneren naarmate er meer gedronken wordt. Het gaspedaal wordt gevoeliger terwijl de rem slijt. Wie dan zegt "ze had het toch moeten weten", beschrijft precies het hersendeel dat als eerste is uitgeschakeld.
Het gaspedaal wordt gevoeliger terwijl de rem slijt.

Stoppen is fysiek gevaarlijk

Bij zware drinkers is het lichaam gewend geraakt aan permanente alcohol. Wegvallen daarvan geeft trillen, rusteloosheid, een somber en onbestemd gevoel, en in het ergste geval een delirium tremens. Plotseling stoppen zet het dopaminesysteem op zwart, waardoor er depressieve klachten bij komen. Veel mensen drinken op dat punt niet meer om zich prettig te voelen, maar om zich half normaal te voelen. Ontnuchteren is voor hen geen wilsbesluit maar een medische ingreep.

Het geheugen zit vol landmijnen

De hersenen slaan niet alleen het prettige gevoel op, maar ook de omstandigheden: het café, de vrijdagmiddag, het bord pasta. Jaren later kan één zo'n prikkel de trek terugroepen. Eén slok kan door dat priming-effect al genoeg zijn. Onderzoek naar terugval wijst steeds dezelfde aanjagers aan: stress, eenzaamheid, slaapgebrek en een angst- of depressieklacht ernaast. Alcoholverslaving gedraagt zich als een chronische ziekte, vergelijkbaar met astma of diabetes: behandelbaar, maar zelden in één keer over.
Alcoholverslaving gedraagt zich als een chronische ziekte: behandelbaar, maar zelden in één keer over.

En de cijfers zijn genadeloos

Na behandeling in de verslavingszorg valt 50 tot 70 procent van de patiënten binnen een jaar terug; pas na vijf jaar zonder drank neemt die kans echt af. Van de mensen die zich in 2023 voor een alcoholprobleem meldden, was 74 procent al eerder in behandeling geweest. Dat is geen falend zorgsysteem, dat is het beloop van de aandoening.
Alcohol in cijfersIn 2025 dronk 5,5 procent van de volwassen Nederlanders overmatig en 6,7 procent zwaar. Onderzoek uit 2019–2022 laat zien dat 5,4 procent van de volwassenen een alcoholstoornis heeft, omgerekend zo'n 683.600 mensen. In 2024 stonden ruim 30.000 mensen bij de verslavingszorg geregistreerd met alcohol als hoofdprobleem. De gemiddelde leeftijd bij aanmelding: 46 jaar.

De witte jas maakt het erger

Artsen hebben iets wat andere drinkers missen: toegang, status en een omgeving die niet graag doorvraagt. In deze zaak werden bovendien slaapmiddelen en een zware pijnstiller aan zichzelf voorgeschreven, en constateerde een onafhankelijk psychiater een langdurig patroon van defensief en niet-valide rapporteren over het eigen gebruik. Voor artsen bestaat er een vertrouwelijk steunpunt, ABS-artsen, juist omdat schaamte de grootste drempel is. Het bestaan daarvan zegt genoeg: zelfs wie de diagnose kan stellen, kan hem op zichzelf niet toepassen.

Meer weten?

loading

Loading