Vlak voor Valentijnsdag brengt een onderzoek in het Journal of Social and Personal Relationships een ongemakkelijke waarheid aan het licht: twee specifieke hechtingsstijlen veroorzaken structurele chaos in romantische
relaties. Het gaat om hechtingsangst en vermijdend hechtingsgedrag – twee patronen die samen bij bijna de helft van de bevolking voorkomen.[
Wisselende gevoelens, wisselende relaties
Mensen met
hechtingsangst – zo'n twintig procent van de bevolking – kennen een klassiek patroon: hun gevoelens over de relatie kunnen van de ene dag op de andere radicaal veranderen. Ze besteden buitensporig veel tijd aan piekeren over wat hun partner denkt en voelt, en schakelen moeiteloos van intense gehechtheid naar een plotseling verlangen naar onafhankelijkheid. Eerste auteur Ashley Cooper verklaart: mensen met hechtingsangst twijfelen voortdurend of hun partner er écht voor hen zal zijn en of zij de relatie waard zijn.
Het tweede type – vermijdend gehecht – komt bij ongeveer een kwart van de mensen voor. Deze groep wil juist voorkomen zich te diep te binden aan een ander. Het effect is anders maar minstens zo schadelijk: waar hechtingsangst zorgt voor dagelijkse ups en downs, leidt vermijding tot een aanhoudend lage relatietevredenheid bij beide partners.
Wat het onderzoek laat zien
Het onderzoek van Cooper en collega's onder 157 stellen toont aan dat wanneer één partner sterk vermijdend gehecht is, de tevredenheid bij beide partners daalt. Dat bevestigt eerder meta-analytisch onderzoek: zowel angst als vermijding ondermijnen de cognitieve, emotionele en gedragsmatige kwaliteit van een relatie, maar vermijding correleert nog sterker met een gebrek aan verbondenheid en steun.
In Nederland is zo'n 62 procent van de kinderen veilig gehecht, wat betekent dat bijna vier op de tien opgroeien met een minder veilige hechtingsstijl. Die patronen werken door tot in volwassen
relaties en verhogen het risico op angststoornissen en depressie.
]