Het is bijna een geuzentitel geworden. Nederland heeft het droogste voorjaar van de eeuw achter de rug, augustus tot nu toe uitzonderlijk droog en een landelijk neerslagtekort dat richting het beruchte 1976 kruipt. Toch heet het officieel nog geen crisis. Minister Vincent Karremans van Infrastructuur en Waterstaat legde de lat vorige week publiekelijk vast op een niveau dat de gemiddelde tuinier al lang gepasseerd is: pas als het drinkwater in gevaar komt, kunnen we van een crisis spreken.
Feitenkader
Het landelijk neerslagtekort bedraagt begin augustus 282 millimeter en loopt naar verwachting op naar ruim 300 in de komende twee weken. In De Bilt viel in de eerste tien dagen van augustus 0,3 millimeter regen, tegen 26,9 normaal. 2026 hoort sinds begin juli tot de vijf procent droogste jaren ooit gemeten. De Rijn staat historisch laag voor de tijd van het jaar.
De officiële geruststelling
Karremans zei donderdag vanuit Nijmegen dat er sprake is van een feitelijk watertekort, maar nog geen crisis. Dat wordt het pas als de
droogte nog een paar weken aanhoudt en de drinkwatervoorziening in het geding komt. De landelijke waterstand staat op niveau 2 op een schaal van 4: schaarste, geen crisis. Het landelijke crisisteam komt sinds half juli wekelijks bijeen, maar besloot opnieuw dat nationale of bovenregionale maatregelen niet nodig zijn. De regio’s hebben het onder controle, luidt de boodschap. Wie de sluizen ziet dichtgaan, veerdiensten geschrapt en woonboten aan de Rijn stranden, mag zich afvragen wat er onder controle betekent.
Pas als het drinkwater in gevaar komt, spreekt de minister van een crisis. Voor bedrijven met lege sloten geldt inmiddels een andere term: ondernemersrisico.
Wie de rekening krijgt
Boeren, tuinders en binnenvaartschippers zijn de eerste slachtoffers, en horen tegelijk dat compensatie er niet komt. Karremans noemde het watertekort geen natuurramp maar ondernemersrisico. De schade schat hij zelf op tientallen tot honderden miljoenen euro’s. Het Hoogheemraadschap van Delfland kondigde vorige week het eerste wateronttrekkingsverbod uit de geschiedenis van dat gebied af, voor het traject Den Haag-Rotterdam. In Noord- en Zuid-Holland zijn de regionale neerslagtekorten voor begin augustus nooit eerder zo groot geweest.
Wat de burger merkt
- Sproeiverboden in delen van het land, oplopend van adviezen naar echte verboden.
- Sluizen dicht en veerdiensten geschrapt op de grote rivieren.
- Twentekanaal ontoegankelijk voor grote binnenvaart.
- Grondwaterstanden onder gemiddeld, met verzakkingsrisico voor funderingen op houten palen.
- Historisch lage Rijnstand, met gevolgen voor drinkwaterinnamepunten stroomafwaarts.
De semantiek van "geen crisis"
De discussie draait om één woord. Wie een crisis afroept, activeert compensatieregelingen, bovenregionale dwang en politieke verantwoordelijkheid. Wie het bij schaarste houdt, houdt de portemonnee dicht en de bewegingsvrijheid ruim. Het kabinet werkt aan een deltaplan voor zoetwater, waarbij in het voorjaar opgevangen regen in droge maanden gebruikt moet kunnen worden. Klinkt goed, alleen: 2026 gaat niet meer op tijd nat worden.
Een crisis is in Nederland kennelijk pas een crisis als hij is geëscaleerd tot dwang. Tot die tijd geldt: eigen schuld, dikke bult, ondernemersrisico.
Terwijl Karremans wacht op ontwrichting, wacht de rest van Nederland op regen. Beide voorspellingen zijn even bemoedigend.
Meer weten?