Het nieuwe coalitie komt met een peperdure vrijheidsbijdrage om onze veiligheid te waarborgen. De miljardenrekening wordt doorgeschoven naar burgers en bedrijven zonder het woord belastingverhoging in de mond te nemen. En zoals zo vaak: vooral mensen met lage en middeninkomens zijn de klos.
“Veiligheid is niet gratis”, zo stelde het CDA vorig jaar al in zijn verkiezingsprogramma. Dat motto krijgt nu een concreet prijskaartje. Vanaf 2028 kost de vrijheidsbijdrage bedrijven jaarlijks 1,7 miljard euro en burgers zelfs 3,4 miljard. Omgerekend is dat zo’n 425 euro per huishouden. Alleen: niemand ziet dat bedrag letterlijk van zijn bankrekening verdwijnen.
Boekhoudkundig trucje
Voor burgers verhoogt het kabinet de tarieven in de inkomstenbelasting niet. In plaats daarvan worden belastingschijven en heffingskortingen in 2027 en 2028 slechts beperkt aangepast aan de inflatie. Dat klinkt wat technisch en onschuldig, maar werkt als een verkapte belastingverhoging.
Economen Gerard Eijsink en Mauro Mastrogiacomo van De Nederlandsche Bank onderzochten dit mechanisme eerder al en kwamen tot een duidelijke conclusie: beperkte indexering treft juist mensen met lagere inkomens het hardst.
Aart Gerritsen van de Erasmus School of Economics legt in De Telegraaf uit waarom: “Degenen die rond de grens van een belastingschijf zitten, of relatief veel profijt hebben van de heffingskortingen, hebben hier meer last van. De last komt daarom ook niet proportioneel terecht bij huishoudens. Als je eerlijker wil belasten, moet je juist de tarieven verhogen.”
Slimme Haagse pijnstiller
Deze aanpak is niet nieuw. “Mensen zien niet dat ze meer
belasting betalen, dus dan lijkt het wat minder pijn te doen”, zegt belastingadviseur Cor Overduin. Het werkt als volgt: wie tot 38.883 euro verdient, betaalt 35,75 procent belasting. Daarboven loopt dat op naar 37,56 procent. Als lonen wél met inflatie meestijgen, maar de schijfgrenzen nauwelijks, belanden steeds meer mensen sneller in een hogere schijf.
Hetzelfde gebeurt met heffingskortingen, die aan koopkracht verliezen. Ook het heffingsvrije vermogen in box 3 groeit beperkt mee, waardoor spaarders sneller
belasting betalen.
Ook bedrijven betalen mee
Ook de bijdrage van bedrijven is geen echte belastingverhoging. Het kabinet verhoogt de Aof-premie, die bedoeld is voor arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, maar de afgelopen jaren vooral gebruikt is om begrotingsgaten te dichten.
Overduin vindt dat opvallend, maar begrijpt de keuze: “Vanuit Haags budgettair denken, is het een fijne knop om aan te draaien. De Aof-premie wordt namelijk betaald door alle bedrijven, ook de bedrijven die geen winst maken. Er is geen enkele
belasting waarmee je dat voor elkaar krijgt.”