Wimbledon profileert zich als het laatste
grandslamtoernooi op
gras, maar wie vandaag kijkt, ziet vooral hardcourttennis op een groen tapijt. Door langzaam geworden banen, hogere balstuit en eindeloze rally’s vanaf de baseline is de klassieke grasspecialist zo goed als uitgestorven.
Vanaf 2001 worden de banen ingezaaid met honderd procent meerjarig raaigras, strak gemaaid op precies 8 millimeter en het hele jaar door onderhouden door een vaste groundsman-ploeg. Dat moderne gras zorgt voor een hogere stuit, waardoor serve-volley en snelle punten hebben plaatsgemaakt voor powertennis vanaf de achterlijn.
Volgens kenners is Wimbledon
feitelijk een hardcourttoernooi op een lastigere, gladdere ondergrond: de bal blijft lager dan op andere banen, schiet nog steeds door en bewegen blijft een uitdaging. Spelers moeten “dansen” over de baan, laag door de knieën, klaar om uit te glijden – en ondertussen wedstrijden uitspelen die net zo lang kunnen duren als op gravel.