Lidl wil de gezondste supermarkt zijn – maar wie controleert dat?

Economie
maandag, 04 mei 2026 om 16:21
165088332_m

Discountketen Lidl schuift steeds nadrukkelijker naar voren als kampioen van gezonde en duurzame voeding, met nieuwe doelstellingen, beleid en een winkelvloer vol ‘verantwoorde’ keuzes. Maar hoe ver reikt die ambitie werkelijk – en wie bepaalt uiteindelijk wat een gezonde supermarkt is?
Lidl presenteert zich allang niet meer alleen als prijsvechter met pallets in het gangpad, maar als keten die “de groenste én de gezondste” wil zijn. De Volkskrant ging op onderzoek uit. In een nieuw filiaal in Huizen begint dat al bij de entree: kinderen krijgen gratis appeltjes, zodat ze niet jengelen om snoep, vertelt de duurzaamheidsmanager trots. Tegelijk zet Lidl in beleid en marketing zwaar in op gezondere producten, minder suiker en zout en meer groente en fruit.
De keten heeft de afgelopen jaren een reeks concrete doelen vastgelegd. Zo wil Lidl in zijn huismerken tussen 2015 en 2025 het gemiddelde gehalte aan toegevoegde suiker en zout met 20 procent terugbrengen. Daarnaast stelt de supermarkt dat in 2030 minimaal 46 procent van de voedselverkopen binnen de Schijf van Vijf moet vallen, waar dat in 2025 al 38 procent was. Parallel daaraan presenteert Lidl een Inkoopbeleid Bewuste Voeding, waarin gezondheid en duurzaamheid nadrukkelijk aan elkaar worden gekoppeld via het zogeheten Planetary Health Diet.
Die ambities passen in een bredere beweging waarin supermarkten onder politieke en maatschappelijke druk staan om gezondere keuzes te stimuleren. De overheid wijst er al jaren op dat nu grofweg 2 van de 10 producten in de supermarkt in de Schijf van Vijf passen, en dat die verhouding moet kantelen. Tegelijkertijd wil het kabinet supermarkten vooral via samenwerking en vrijwillige afspraken meekrijgen, niet met een boete- of bonussysteem per verkochte kilo groente of frisdrank.r
De interessante vraag is dan: wordt Lidl vooral de gezondste in zijn marketing, of ook in het schap? Interne doelstellingen en mooie beleidsplannen zeggen pas iets als ze zich vertalen in harde, onafhankelijke metingen: hoeveel producten krijgen daadwerkelijk een groene Nutri-Score, hoeveel liters suikerhoudende drank verdwijnen uit het assortiment, hoeveel kiloknallers worden ingeruild voor peulvruchten en volkoren? Consumentenorganisaties en toezichthouders hebben herhaaldelijk gewaarschuwd dat de voedselomgeving nog altijd grotendeels ongezond is, ondanks alle campagnes.
Bovendien schuurt de gezondheidsambitie met het klassieke discountmodel: extreem lage prijzen op juist de producten die vaak niet in de Schijf van Vijf vallen. Een supermarkt die zich “de gezondste” noemt, maar ondertussen vooral verdient aan goedkoop snoep, frisdrank en sterk bewerkte snacks, zet een voedingsbeleid neer dat bij nader inzien vooral communicatiestrategie is. Pas als gezonde keuzes structureel goedkoper, zichtbaarder en makkelijker worden dan de ongezonde, verdient Lidl die claim echt.
loading

Loading