Omega-3-supplementen gelden al jaren als een soort verzekering voor een gezond brein. Vooral ouderen slikken ze massaal, in de hoop geheugenverlies en dementie buiten de deur te houden. Maar nieuw onderzoek zet vraagtekens bij dat vertrouwen. De capsules zouden mogelijk juist samenhangen met een snellere cognitieve achteruitgang.
Dat staat haaks op het imago van omega-3. Eerdere studies, vooral bij dieren en in observaties, wezen op een beschermend effect. Maar harde bewijzen uit klinisch onderzoek bij mensen bleven tot nu toe uit. De nieuwe studie probeert dat gat te vullen.
Onderzoekers analyseerden gegevens uit de Alzheimer's Disease Neuroimaging Initiative (ADNI), een grootschalig project met hersenscans en cognitieve tests. In totaal werden 819 deelnemers vijf jaar lang gevolgd.
Daarvan slikten 273 mensen omega-3-supplementen. Hun resultaten werden vergeleken met een controlegroep van 546 niet-gebruikers. Beide groepen waren vergelijkbaar in leeftijd, geslacht, diagnose en genetisch risico.
De uitkomst: gebruikers van omega-3 scoorden slechter op drie veelgebruikte geheugentests en gingen sneller achteruit dan de controlegroep.
Opvallend is dat genetica geen verklaring lijkt. Het aantal deelnemers met het risicogen APOE ε4, sterk gelinkt aan Alzheimer, was in beide groepen gelijk.
Niet de gebruikelijke Alzheimer-signalen
Om de oorzaak te achterhalen, keken de onderzoekers naar hersenscans. Daaruit bleek dat de snellere achteruitgang niet samenhing met de klassieke kenmerken van Alzheimer, zoals ophoping van amyloïde plaques of tau-eiwitten.
In plaats daarvan zagen ze iets anders: een duidelijke afname in glucoseverbruik in de hersenen. Dat is cruciaal, omdat glucose de belangrijkste energiebron is voor hersencellen.
Een lager energiegebruik wordt vaak geassocieerd met slechtere communicatie tussen hersencellen, een proces dat bekendstaat als synaptische disfunctie. Het brein blijft dan grotendeels intact, maar functioneert minder efficiënt.
Nog geen definitief bewijs
De onderzoekers benadrukken dat hun bevindingen voorzichtig moeten worden geïnterpreteerd. Het gaat om een observationele studie: er is een verband gevonden, maar geen direct bewijs dat omega-3 de oorzaak is.
Toch zetten de resultaten het gangbare beeld onder druk. Wat lang werd gezien als een onschuldige, mogelijk beschermende aanvulling, blijkt misschien minder eenduidig.
De conclusie is daarom vooral een oproep tot nuance. Omega-3 is geen bewezen wondermiddel voor het brein en mogelijk zelfs niet voor iedereen zonder risico. Verdere studies moeten uitwijzen hoe dat precies zit.