Het optreden van minister van Justitie Pam Bondi in het
Epstein‑verhoor heeft het politieke probleem voor president Donald
Trump en zijn kamp vergroot. Ze had geen begin van een antwoord waarom ze met de openbaarmaking van de documenten namen en soms ook adressen van talloze
slachtoffers openbaar maakte.
In de commissie Justitie van het Huis van Afgevaardigden kreeg Bondi felle kritiek van Democraten omdat het ministerie van Justitie namen van
Epstein‑slachtoffers onvolledig had weggelakt in vrijgegeven documenten, waarna sommige gegevens later alsnog moesten worden gecorrigeerd. De woede liep op toen een groep slachtoffers in de zaal opstond en Bondi weigerde zich rechtstreeks tot hen te wenden of excuses aan te bieden voor de manier waarop haar ministerie met hun gegevens was omgegaan.
Democraat Jamie Raskin verweet haar dat zij zowel in de Epstein‑zaak als bij dodelijk politiegeweld in Minneapolis de kant van de daders koos en de slachtoffers negeerde, en waarschuwde dat dit haar politieke nalatenschap zal bepalen. Ook progressief kopstuk Pramila Jayapal drong aan op persoonlijke verantwoordelijkheid en verweet Bondi dat ze de schuld afschoof op haar voorganger Merrick Garland, in plaats van zelf rekenschap af te leggen.
De hoorzitting raakte daarmee direct het Witte Huis:
Trump ziet zich geconfronteerd met een groeiend koor van critici, inclusief enkele Republikeinen, dat het ministerie verwijt de explosieve Epstein‑stukken slecht te hebben gemanaged, terwijl die documenten juist de gevoelige netwerken blootleggen tussen de overleden financier en prominenten uit politiek, entertainment en zakenleven. Tegelijkertijd zwelt de kritiek op Trumps harde immigratiebeleid en op het optreden van federale agenten in Minnesota aan, wat het beeld voedt van een regering die volgens tegenstanders harder optreedt tegen kwetsbare groepen dan tegen machtige misbruikers.
Opvallend was dat de Republikeinse afgevaardigde Thomas Massie, mede‑architect van de wet die de vrijgave van de Epstein‑stukken afdwong, zich tegen Bondi keerde en het publiceren van namen van slachtoffers “letterlijk het slechtste” noemde wat je hen kon aandoen. Bondi reageerde door hem weg te zetten als iemand met “Trump derangement syndrome” en benadrukte dat de fouten in de anonimisering snel waren hersteld, maar daarmee gaf ze critici nieuw munitie voor het verwijt dat het ministerie vooral bezig is de president politiek te beschermen.
“Of het nu gaat om Epsteins mensenhandelof het moorddadige geweld van de overheid tegen burgers in Minneapolis, als minister van Justitie kiest u de kant van de daders en negeert u de slachtoffers.
De meeste Republikeinen schaarden zich demonstratief achter Bondi; commissievoorzitter Jim Jordan prees haar koers als een terugkeer naar de kernmissies van het ministerie, zoals het bestrijden van zware criminaliteit en het aanscherpen van immigratie‑handhaving. Toch dreigt het incident de strategie van Trump om de aandacht richting economie en veiligheid te sturen, te doorkruisen, doordat het kamp‑Trump nu verdediging moet voeren op een uiterst beladen dossier waarin slachtoffers zich zichtbaar en hoorbaar verraden voelen door de overheid.
De tussentijdse verkiezingen zijn in maart. Trump ligt ver achter.